Een bijzonder fascinerende naam heeft hij. Op het wedstrijdformulier van de topper Barendrecht-SteDoCo van afgelopen zaterdag staat als nummer 9 van de thuisploeg Tren Keimpe Dirk Drexhage genoteerd. Alleen dat is al geweldig.
Hoe zullen zijn ouders hem vroeger genoemd hebben, bijvoorbeeld als hij aan tafel moest komen om te eten? ‘Tren Keimpe Dirk, het eten is klaar?’ Of hoe noemden ze hem op de basisschool, als de juf hem aanspoorde een antwoord te geven op een vraag die zij gesteld had? ‘Tren Keimpe Dirk, wat denk jij ervan?’ Ik hoop het wel dat ze hem altijd zo genoemd hebben en ik hoop ook dat zijn trainer Leen van Steensel bij de wedstrijdbesprekingen het ook heeft over Tren Keimpe Dirk, die het als aanvaller de verdedigers van de tegenpartij zo lastig mogelijk moet maken en bij balbezit altijd aanspeelbaar moet zijn. ‘Tren Keimpe Dirk, jij loopt de longen uit je lijf om de opbouw van SteDoCo te verstoren’. Ik hoor het Leen al zeggen. Geweldig toch? Ik hoop niet dat Leen zich er niet met een jantje-van-leiden van afmaakt, door hem kortaf Tren te noemen.
Een voetballer die Tren Keimpe Dirk als voornamen heeft is fantastisch en ook zijn achternaam kan er heel goed mee door: Drexhage. Het zou zo maar een naam kunnen zijn uit een boek van Bordewijk. Die schrijver gaf de personages uit zijn boeken altijd buitengewoon fraaie, heel opvallende namen, namen zoals Katadreuffe, Dreverhaven, Keska of Bint. Daar past Drexhage naadloos bij.
Maar we zijn hier in deze column bij VoetbalRotterdam natuurlijk niet bezig met een literair essay, we gaan Tren Keimpe Dirk Drexhage beoordelen op zijn voetballende kwaliteiten. Die bezit hij namelijk ook. Bij zijn debuut bij Barendrecht in januari vorig jaar, toen hij terugkwam in Nederland na een uitstapje van anderhalf jaar naar Amerika, waar hij voor een universiteitsteam voetbalde, scoorde hij in zijn allereerste competitiewedstrijd voor zijn nieuwe club tweemaal in de spectaculaire thuiswedstrijd tegen Hoek, die in een 5-4 overwinning eindigde. Met die twee treffers maakte Tren Keimpe Dirk bij zijn nieuwe club meteen furore en op den duur speelde hij zelfs Robbert Olijfveld uit het basiselftal, die het net trouwens ook wel weet te vinden.

Zaterdag tegen SteDoCo stond Tren Keimpe Dirk alweer in de basis, als de meest naar voor spelende Barendrechtse aanvaller. In tegenstelling tot eerdere thuiswedstrijden waar ik dit seizoen bij was trok Barendrecht vanaf de aftrap nu niet meteen stormachtig ten aanval. Het keek tegen de nummer twee op de ranglijst de kat een beetje uit de boom en werd het eerste half uur toch wel vaak naar achter gedrongen door de bezoekers, die regelmatig op de helft van de tegenstander te vinden waren. De thuisploeg gokte op snelle uitbraken en die kwamen er ook. De kunst was om Tren Keimpe Dirk in de voeten aan te spelen, die dan de bal bij zich hield, zodat teamgenoten aan konden sluiten. Een beetje zoals Bryan Brobbey dat doet bij Ajax. Niet dat het veel opleverde trouwens, daarvoor was Yannick Cortie, de verdediger van SteDoCo die Tren Keimpe Dirk in toom moest houden te goed. Geen centimeter ruimte kreeg hij van hem, altijd zat hij erboven op. Maar Tren Keimpe Dirk is niet voor één gat te vangen. Hij fungeert niet alleen als aanspeelpunt voorin waardoor anderen aan kunnen sluiten, hij is ook op andere manieren in het spel te betrekken. Als zijn ploeg in balbezit is, is hij voortdurend en onvermoeibaar in beweging, door zich vrij te lopen of de ruimte te kiezen en als de tegenstander de bal heeft, jaagt hij de boel af om hun opbouw zo veel mogelijk te storen. Tren Keimpe Dirk loopt de longen uit zijn lijf en houdt dat vol totdat hij tien minuten voor tijd gewisseld wordt.
Lang niet alles ging goed bij Tren Keimpe Dirk, maar spelend zoals zaterdag is hij toch bijzonder waardevol voor de ploeg. Als kapstok voorin kan je vaak de bal bij hem kwijt, ook met een mannetje in zijn rug. En als stoorzender maakt hij de opbouw van een tegenstander moeilijk. Er zit nog volop toekomstmuziek in Tren Keimpe Dirk, want hij is nog maar 23 jaar oud en er is dus nog tijd genoeg om aan zijn verbeterpunten te werken. Helaas zal hij dat niet lang meer bij Barendrecht doen, want hij heeft de club al laten weten dat hij straks met zijn maatje Timo de Graaf naar ARC vertrekt, de club waar hij en Timo al in de jeugd gevoetbald hebben en waar hun oude jeugdtrainer Remco Tuinenburg volgend seizoen de nieuwe hoofdtrainer is. Zo keert hij terug op zijn oude nest en zal Barendrecht komende voetbaljaargang een ander aanspeelpunt en afmaker moeten hebben, want ook Robbert Olijfveld zal gaan vetrekken.
Ik zal hem gaan missen als altijd beweeglijke en altijd aanspeelbare aanvaller, maar ook omdat er volgend seizoen bij Barendrecht dan nooit meer Tren Keimpe Dirk Drexhage op het wedstrijdformulier zal staan. En dat is ook een groot gemis.








