Hij zou een jaar geleden al gegaan zijn, maar toen gooide corona roet in het eten. Dit jaar ging het wel door. Raymond Kraaijbeek, de kersverse trainer van Vicoria’04, is van 7 tot 20 juni trainer geweest tijdens een summer camp van twee highschools in Ohio, USA. In het stadje Delaware trainde hij kinderen die zich daarvoor ingeschreven hadden. Over zijn belevenissen in de States willen we na zijn terugkeer in Nederland natuurlijk alles weten. Hoe is het gekomen dat juist hij daarheen gegaan is? Wat heeft hij in Ohio gedaan? En hoe is hem dat bevallen? Raymond, die naar eigen zeggen toch wel een week moest bijkomen van zijn avonturen en van zijn vliegreis terug, werkt daar graag aan mee.
Hoe komt het dat jij die trainingen tijdens dat summer camp in Ohio bent gaan geven?
Raymond: ‘Dat komt door Marco van Krevel, een hele goede vriend van mij, die al heel zijn leven in de honk- en softbalwereld zit, tegenwoordig bij Neptunus in Rotterdam. Hij heeft veel contacten in Amerika. ‘Weet jij niet iemand die hier voetbaltrainingen kan komen geven’, werd op een gegeven moment aan hem gevraagd door mensen van een high school in Delaware, een stadje in Ohio. Hij heeft meteen mij gebeld. Of ik interesse had om dat te gaan doen. Ik had er nooit bij stil gestaan dat ik zoiets kon gaan doen. Ik werk heel de week en daarnaast ben ik al een jaar of elf trainer van een voetbalclub. Van 2014 tot 2020 heb ik samen met drie maten van me een voetbalschool gerund. Basic Skills heette die voetbalschool en kinderen konden zich daarvoor inschrijven. Wij met zijn vieren waren daar gezamenlijk eigenaar van en de trainingen werden op het veld van PPSC in Schiedam gegeven. We deden ook clinics. Het breidde zich almaar uit en we hadden het reuze naar onze zin met z’n vieren. Toen brak corona uit en werd sporten onmogelijk. Noodgedwongen en met pijn in ons hart moesten we stoppen met onze voetbalschool. Toen Marco met het verhaal uit Ohio bij me kwam, eind 2020, wakkerde dat vlammetje meteen weer op. Waarom zou ik het niet doen, zo vroeg ik mezelf af. Ik had een paar keer contact met de mensen in Ohio en werd steeds enthousiaster. Ik had op mijn werk nog een heleboel vrije dagen over, dus dat zou het punt ook niet zijn. En thuis deden ze ook niet moeilijk. En toen heb ik besloten dat ik het zou doen. Vorig jaar zou ik gaan, maar kwam niet verder dan Schiphol. Ik had thuis een enorme stapel documenten moeten invullen, maar op Schiphol bleek er in mijn papieren toch iets niet in orde te zijn. Ergens ontbrak een groen vinkje en daardoor kreeg ik geen toestemming om naar Amerika te vliegen. Maar dit jaar ging alles gelukkig wel goed. Alleen jammer dat mijn oudste zoon Colin niet mee kon.’
Waarom niet?
Raymond: ‘Colin is als tweede keeper lid van de zondagselectie van TOGB en geeft op die club ook keeperstraining aan kinderen. Hij zou met me meegaan en in Ohio ook keeperstrainingen gaan verzorgen. Maar hij mocht het vliegtuig niet in, omdat hij maar één vaccinatieprik had gehad. En om naar Amerika te kunnen vliegen moet je er minstens twee hebben.’
Dus jij bent alleen vertrokken.
Raymond ‘Ja, want deze kans wilde ik niet laten liggen, hoe jammer ik het ook vond dat Colin niet mee kon. Ik was natuurlijk veel liever samen met hem gegaan, maar dat was onmogelijk.’
Wat trof je in Amerika aan?
Raymond: ‘Ik vloog van Schiphol naar New York en moest daarna met een binnenlandse vlucht naar Columbus, Ohio, twee uur vliegen verder. Ik had twee uur de tijd om over te stappen, maar kwam bijna tijd te kort. Eerst kregen ze de slurf niet aan het toestel waarmee ik geland was. Dat kostte al meer dan een half uur. Eenmaal in de hal aangekomen stond er een rij voor de loketten van hier tot Tokyo. ‘Dat ga ik nooit halen’, dacht ik. Maar van eerdere verblijven in Amerika, als toerist op vakantie, wist ik dat er met douanepersoneel niet te spotten valt in Amerika. Ze kijken je allemaal aan van wat kom jij hier doen. Die doen overal moeilijk over. Ik sprak een dame in uniform aan die met een strak gezicht daar rondliep. Ik vertelde dat ik door de drukte mijn binnenlandse vlucht echt niet ging halen. ‘Wat kom jij hier doen’, vroeg ze niet heel erg vriendelijk. Toen ik vertelde dat ik naar Ohio moest om daar kinderen voetbaltraining te gaan geven, sloeg ze helemaal om. Ze loodste me langs al de rijen en zo zat ik ruim op tijd in het vliegtuig dat me daar Columbus bracht. Toen ik daarna in Delaware kwam, het stadje waar ik zou gaan werken, keek ik meteen mijn ogen uit. Delaware heeft ongeveer 35.000 inwoners en in dat stadje zijn drie high schools en is er één college. Hier in Nederland heeft een school een gymzaaltje en hooguit een veldje. Vaak doen ze hun gymlessen buiten bij sportverenigingen. Daar in Delaware was werkelijk alles Alle scholen hebben de beschikking over een eigen sportcomplex met uitgebreide faciliteiten met alles erop en eraan. Sportvelden, stadions, je kunt het zo gek niet bedenken.’
Wat werd jouw rol daar?
Raymond: ‘Trainingen geven aan kinderen die zich daarvoor ingeschreven hadden. Eigenlijk dus hetzelfde als ik hier in Nederland met mijn voetbalschool gedaan had. Maar dan wel met een groot verschil: veel kinderen in Ohio misten de basisvaardigheden van het voetbal, die de jeugd in Nederland op die leeftijd vaak al wel heeft. Ik moest met de kinderen daar helemaal terug naar de basis. Hoe ze een bal moesten aannemen. Hoe ze moesten trappen. Hoe ze zich moeten bewegen. Waar ze op het veld moeten gaan staan. Echt alle basisbeginselen kwamen aan bod. Maar het was ontzettend leuk, vooral door het enthousiasme en de bevlogenheid die de kinderen iedere keer weer opbrachten. En door die drie, vier gasten die het spelletje al wel onder de knie hadden. Die hielpen de anderen ook, coachten hen vaak. De spirit was dus heel erg goed en de wil om iets te leren was groot. In Amerika keken ze trouwens enorm tegen mij op. Ik was helemaal uit het verre Nederland gekomen om hen les te geven in het voetbal.’
Hoe zagen je dagen eruit?
Raymond: ‘Ik woonde 2 weken in bij Kirt en Karin Whiteside, een echtpaar dat hun kleinkinderen op de school had waar ik trainer werd. Kirt organiseerde al 20 jaar honkbalactiviteiten op die school en was de man die mijn vriend Marco van Krevel om een voetbaltrainer gevraagd had. Door Kirt is het balletje gaan rollen. De lessen waren van 11 uur ’s ochtends tot een uur of 5 ’s middags, alle dagen van de week, behalve zaterdag. Zaterdag
was ik vrij en toerde met een auto van Kirt de omgeving rond. Zo kwam ik per toeval terecht in een klein dorpje dat Raymond heette, haha. Alle andere dagen van de week kreeg ik de hele dag door telkens een groepje van 6 kinderen, waar ik individuele oefenvormen mee deed en ook positiespelletjes in de vorm van kleine partijtjes. Dan was het rennen en vliegen en er werd van alles door elkaar geroepen. Natuurlijk wilde ik daar een beetje lijn in brengen. In het eerste partijtje legde ik het spel al na vijf minuten stil. ‘Jullie stoppen met zomaar roepen naar elkaar. Je vraagt elkaar alleen aan welke kant je aangespeeld wil worden’, legde ik uit. En meer van die basisdingen. Zo zetten we samen stapje voor stapje. In Amerika was het al schoolvakantie, maar de sporttraditie in dat land schrijft voor dat er in elke sporttak summer camps georganiseerd worden en waar kinderen zich voor kunnen inschrijven. Ik was ‘gehaald’ om kinderen van Delaware Hayes Highschool in het voetbal te onderrichten. In Amerika kijken ze enorm op tegen voetbalcoaches uit Europa of Zuid-Amerika. Van die trainers kunnen we nog iets leren, denken ze daar. En dat is ook zo, want nog altijd staat de voetbalsport daar in de kinderschoenen. Maar wat de sportmentaliteit betreft in Amerika, die is voorbeeldig. Dat kan niet beter. Als wij hier in Nederland bij het voetballen die mentaliteit zouden hebben, dan waren we al vier keer wereldkampioen geworden. In de tweede week heb ik trouwens ook les gegeven op een andere school in Delaware. Ook daar hadden Kirt en Karin kleinkinderen op zitten.’
Hoe reageerden de mensen van de scholen waar jij les kwam geven?
Raymond: ‘Ook erg leuk en enthousiast. Vaak werden mijn trainingen gefilmd en moest ik uitleggen waarom ik die oefeningen deed. Ook met leerlingen en hun ouders heb ik daar veelvuldig contact over gehad. Dan legde ik uit wat de achterliggende gedachte daarbij was en wat kinderen zelf kunnen doen om beter te kunnen voetballen. Dat ging via ZOOM.’
Zo te horen had je het dus erg naar je zin. Komt er nog een vervolg?
Raymond: ‘Ik heb genoten. Als het aan mij ligt komt er een vervolg en daarover is ook al gesproken. Wellicht ga ik volgend jaar weer, maar dan liefst een paar weken eerder, want dan kan ik er met mijn gezin daarna nog een paar weken vakantie aan vast plakken. Die twee weken in Ohio zijn mij enorm goed bevallen. Het smaakt naar meer. Maar vanaf nu ga ik me richten op Victoria’04. De eerste bijeenkomst heeft al plaats gevonden en de eerste training staat gepland op donderdag 4 augustus. Dan kunnen we lekker met de voorbereiding beginnen.’
Wat kunnen de spelers daarbij verwachten?
Raymond: ‘Ik laat ze niets doen waar ik als speler een hekel aan had. Alles gaat met de bal dus en we gaan niet alleen maar lopen om het lopen. Ik heb er wel zin in. Na Amerika heb ik wel een paar dagen nodig gehad om van alle inspanningen en van de jetlag bij te komen, maar nu is mijn accu weer opgeladen. Ik kan niet wachten tot het 4 augustus is, haha.’








