Drie weken geleden werd ik door een talentvolle scheidsrechter uitgenodigd om naar haar wedstrijd te komen kijken. Ze floot in een klein plaatsje nabij Gorinchem, waar ik alweer ruim drie jaar woonachtig ben. Ontmoette haar zes jaar geleden toen ze nogal zenuwachtig en een beetje verloren bij de ingang van een sportcomplex in Rotterdam Noord stond, waar ik was aangesteld voor een wedstrijd in de VRC Cup. Zij moest een A-junioren wedstrijd, sorry, een O19-1 wedstrijd fluiten in de derde divisie. Haar debuut.
Inmiddels fluit ze senioren standaardelftallen en is opgeklommen naar de Derde Klasse. Een stuk zelfverzekerder én – als het moet – aanwezig. Ze staat inmiddels haar mannetje, dat is in elk geval een feit. Promotie zit er zelfs voor haar in. Ze heeft al drie zeer positief beoordeelde rapporten binnen. ‘Maar ik kan altijd wel wat tips gebruiken’, zo appte ze mij. En dus was ik er een keer als ‘begeleider’ bij. Iets wat ik overdenk in de toekomst bij de voetbalbond wellicht te gaan doen.
We spraken anderhalf uur van te voren bij de ingang van de sportaccommodatie af. Ze had haar vader meegenomen, die als chauffeur en raadgever voor haar fungeert. Voor deze ene keer stelde hij zich op als supporter, om mij ‘niet in de weg te zitten’. Moest daar wel om lachen.
Ik gaf haar aan dat ze gewoon haar eigen ding moest doen. Zoals altijd. ‘Naar eigen bevinding’, zo heet dat. Er lopen nog meer kanjers rond, waarvan er enkele als scheidsrechter en/of assistent de top kunnen halen. Denk aan onder andere Shona Shukrula, Lizzy van der Helm, Franca en Mariska Overtoom, Diana Soeren. Er zijn er meer, die eraan komen. Ze hebben allemaal een soort van bevlogenheid waar mannen niet aan kunnen tippen.
Ze liet vooral voetballen. En gaf aanwijzingen waar en wanneer dat moest. Een vlotte babbel, maar geen woord teveel. En liet zich op geen enkel moment van de wijs brengen. Na een 2-1 ruststand floot ze aan het eind van een vlotte match af: 4-4. En kreeg van diverse mensen binnen en buiten het speelveld complimenten. Terecht. Haar vader was trots. En zelf had ze toch nog wat verbeterpuntjes. Nadat ze zich gedoucht, aangekleed en verzorgd had bezocht ze samen met ‘paps’ en mij de bestuurskamer waar een lokale journalist nog wat vragen aan haar stelde en bestuursleden van beide clubs haar nógmaals feliciteerden met een prima resultaat.
Na een kleine drie kwartier reden we, zij met haar vader in de auto en ik op de fiets, naar het café restaurant op de plaatselijke Brink. Om na te praten, zonder dat er oortjes van de clubs in dezelfde ruimte zaten. Haar vader bestelde een rondje, voor zijn dochter en mij één pint van de tap en voor zichzelf een cola zero. We hebben het nauwelijks nog over de wedstrijd gehad. Een paar ditjes en datjes, over wel of geen buitenspel en een bal al dan niet over de achterlijn (in beide gevallen had ze het goed), maar verder ging het vooral over de prijzen van de drankjes. De cola kostte 4,50 euro voor 33 cl. En de prijs per tapbiertje van 50 cl was maar liefst 7 euro! Prijzen die voor de coronaperiode, naar aanleiding van de geldverkwisters van kabinet Rutte4 en ten gevolge van de twisten tussen Rusland en Oekraïne toch echt veel lager lagen.
En we debatteerden over de dagprijs van de brandstof voor de auto, die maar liefst 54 cent hoger lag dan exact twee jaar daarvoor. Je moet toch maar steeds weer wat over hebben voor je hobby. Nietwaar?
Egbert Egberts floot bijna 42 jaar wedstrijden in het amateurvoetbal. Schrijft over wat hem boeit, wat hem raakt, wat hem verwondert, wat hem ergens toe beweegt. Omdat het mag. Reacties? Mail naar info@voetbalrotterdam.nl.








