In de tweede helft van de jaren tachtig was ik met de helaas veel te jong overleden muziekproducer en -uitgever Frits Hirschland op pad in Duitsland. Frits en ik hadden elkaar in de jaren tachtig ontmoet in Hilversum, tijdens opnames van een album voor de broers Rob en Ferdi Bolland. Het werd een vriendschap, die jaren zou duren.
In Paderborn verbleven we in een luxueus hotel met diverse popartiesten en waren zakelijk gezien drie dagen te gast in een discotheek, Im Kuh.
In die gigagrote dancing, midden in een polder, op zo’n twintig minuten rijden, vonden opnames plaats voor een bekend televisieprogramma. Het publiek was speciaal geselecteerd. Men moest van tevoren ook schriftelijk verklaren dat men die drie dagen er van 18.00 tot 02.00 uur ook zou zijn. De uitzending was daags later via de landelijke publieke zender ARD, en duurde alles bij elkaar ruim acht uur. Een marathon muziekprogramma dus. Frits en ik waren daar speciaal voor de lancering van de single ‘Frontline’ van David Hanselmann, en diens nieuwe album. Onder de vlag van FFR Le Disque (van Frits / Ferdy / Rob) uitgebracht.
Onder de artiesten, waarvan ik er diverse in de wandelgangen en tijdens de buffetten ook heb gesproken, waren onder andere The Commodores, Gladys Knight, Donna Summer en de Communards, wat Duitse toppers, zoals Münchener Freiheit, Nena en Döf, maar ook veel Britse bands en zangers zoals Depeche Mode, New Order, Bronski Beat en Orchestral Manoeuvres in the Dark. En met de zanger van die laatste formatie kreeg ik daar een speciale band. Eentje die enkele jaren voortduurde. Eigenlijk totdat de tweemanformatie op papier uiteenviel.
Andy McCluskey richtte OMD samen met een gelijkgestemde muzikant uit z’n woonplaats Liverpool, Paul Humphries, op. Na de hit ‘Electricity’ volgden aan de lopende band succesvolle nummers en albums elkaar op. In 1985 waren beide in ‘Im Kuh’ te horen en zien met de hit ‘So in love’.
Andy en ik hadden allebei een jongere vriendin destijds. Daarover, maar ook over andere dingen pratend kwamen we erachter dat we nóg meer overeenkomsten hadden. Hij voetbalde graag en was fan van FC Liverpool. Ging graag naar wedstrijden toe, als het hem nog enigszins uitkwam. De successen van OMD boden hem daartoe uiteraard minder kansen. Maar net als ik keek hij waar het even kon naar voetbal op de buis. Ook David Hanselmann was een liefhebber, dus keken we in de pauzes van opnamen, of als anderen aan de bak moesten naar in de kleedruimten opgehangen beeldschermen. En we analyseerden en becommentarieerden wat we zagen. Leuke dagen waren dat.
Eenmaal weer terug bij het thuisfront hielden we contact. Totdat in 1993 de klad in de band kwam en Andy een eigen weg insloeg.
Begin van de huidige eeuw had ik nog één keer face-2-face contact met McCluskey. Tijdens een concert met allemaal artiesten uit de jaren tachtig en negentig keek ik van achter de schermen naar podiumoptredens. En plots tikte iemand op mijn schouders. ,,How are you, ref?”, vroeg de persoon, die naast me was komen te staan. Het was Andy. Beiden hadden we een glimlach van De Krim tot aan Moermansk op het gezicht en we omhelsden elkaar spontaan. Het gesprek dat volgde duurde helaas niet zo lang, daar was de locatie en gelegenheid ook niet naar, maar uiteraard kwamen de prestaties van FC Liverpool ook even voorbij.
,,Last year they got the UEFA, the UEFA Super and Footbal League Cups (2001). Well done. But what this year will bring?” Ik antwoordde dat het misschien nog wel eens wat tegen kon vallen. Gérard Houllier was coach en ik mocht die kerel niet zo. Dat voelde Andy aan, gaf aan dat hij het begreep en sloot ons gesprek af met een neutraal ‘We’ll see what happens.’
We hebben elkaar daarna niet meer gezien noch gesproken. FC Liverpool werd in seizoen 2001-2002 tweede in de competitie, de beste prestatie sinds jaren, maar daarmee werd het jaar daarop op Europees en wereldlijk niveau niets noemenswaardigs gedaan. Zacht gezegd.
Als ik wedstrijden van FC Liverpool op tv bekijk dan moet ik toch regelmatig aan Andy terugdenken. Hij, de nog altijd van naam succesvolle popster. Ik, de altijd bescheiden freelance journalist en om toch vooral te blijven bewegen parttime postbesteller. Inmiddels gestopt, zoals jullie vorige week hebben kunnen lezen, als voetbalscheidsrechter.
’t Kan verkeren.
Egbert Egberts floot ruim 42 jaar wedstrijden in het amateurvoetbal. Schrijft over wat hem boeit, wat hem raakt, wat hem verwondert, wat hem ergens toe beweegt. Omdat het mag. Reacties? Mail naar info@voetbalrotterdam.nl.







