Eind 2019 stond hij op het punt zijn overeenkomst bij Rijsoord te verlengen maar nadat Spijkenisse zich bij hem meldde, was de keus snel gemaakt. Marco van Rijn tekende een contract voor twee seizoenen bij de bewoners van het Jaap Riedijkpark en daarvan is één jaar verstreken. Corona legde dat seizoen stil.
Terugblikken op die paar wedstrijden die toen gespeeld zijn, heeft weinig zin. Momenteel is hij met zijn selectie met de voorbereidingen op het seizoen 2021-2022 bezig, hoewel er nu tot 3 augustus een periode van rust ingelast is. Hoe zijn selectie ervoor staat, hoe hij wil gaan spelen en wat hij denkt dat er gaat gebeuren, daar willen we Marco graag over spreken en na de oefenwedstrijd tegen Rijsoord gaat hij daar uitgebreid op in. Maar het achterste van zijn tong laat hij niet altijd zien.
Om nog even terug te gaan in de tijd, waarom koos je uiteindelijk niet voor Rijsoord maar voor Spijkenisse?
Marco: ‘Ik stond in december 2019 op het punt te gaan tekenen bij Rijsoord, waar ik eind oktober dat seizoen als trainer ingestapt was. We hadden twee positieve gesprekken gevoerd en wilden met elkaar doorgaan. Op maandag zouden we er een next step in maken, maar de zondag daarvoor kreeg ik een appje van Imke van Dommelen, lid van de technische commissie van Spijkenisse. Of ik interesse had om bij Spijkenisse trainer te worden. Ik heb direct Rijsoord op de hoogte gebracht en daarna is het heel snel gegaan. Ik heb voor Spijkenisse gekozen vooral vanwege de historie van de club en de sportieve uitdagingen. Samen met Barendrecht en Excelsior Maassluis is Spijkenisse in deze regio toch wel een toonaangevende en mooie vereniging, ook wat betreft de resultaten. Spijkenisse is een grote club met een goede jeugdopleiding en dat allemaal samen gaf eigenlijk wel de doorslag.’
Vanwege corona heb je vorig seizoen niet af kunnen maken. Spijkenisse speelde vijf competitiewedstrijden en toen werd alles stilgelegd. Wat heb je daarna gedaan?
Marco: ‘We hebben met de volledige staf de koppen bij elkaar gestoken. Hoe gaan we door? De trainingen hebben een tijd stilgelegen, maar daarna hebben we de draad weer opgepakt. Op de trainingen op dinsdagavond staat het fit worden op de eerste plaats, op donderdag is dat de tactiek, terwijl het fysieke ook die avond niet vergeten wordt. Spelers moesten fit worden en blijven en bovendien wennen aan de manier waarop we gaan spelen. Eigenlijk zijn we met die twee trainingen per week al vijftien weken met de voorbereiding op het nieuwe seizoen bezig. En daar heb ik wel een goed gevoel over.’
Waarom heb je daar een goed gevoel over?
Marco: ‘Omdat de opkomst altijd heel groot is geweest en de inzet van de jongens ook. Als je niet weet wanneer je weer wedstrijden mag voetballen en als spelers dan toch voluit blijven trainen, dan kan je daar als trainer alleen maar heel tevreden mee zijn. Dat ben ik dan ook. Op het einde van de rit ging het er wel iets meer ontspannen aan toe omdat de boog niet altijd strak gespannen kan blijven, vooral omdat er niet gevoetbald mocht worden. Maar toen de overheid besliste dat er weer wel wedstrijden gespeeld mochten worden en omdat de spelers dat graag wilden doen, hebben we een paar wedstrijden ingelast.’
In de eerste twee wedstrijden, tegen Rotterdam Abangane en de Onder 23 van Excelsior Maassluis kreeg je tien tegendoelpunten om je oren. Wat vind je daarvan?
Marco: ‘Ik kijk nooit naar cijfertjes. Je zit in de voorbereiding en dan wil je dingen uitproberen en zien hoe iedereen ervoor staat, ook de jonge spelers in je selectie. Die krijgen speelminuten want je wil weten wie het gewenste niveau aan kan en wie daarin nog stappen moet maken. Tegen Excelsior Maassluis stonden op het einde van de wedstrijd heel veel jonge spelers op het veld en ja, dan gaat er wel eens wat mis, want veel van die jongens hebben nog wel stappen te maken.’
Hoe denk je dat je ploeg ervoor staat in het nieuwe seizoen?
Marco: ‘Meerdere clubs in de hoofdklasse hebben flink doorgepakt. Die hebben zich aardig geroerd op de transfermarkt en in deze door corona economisch gezien minder rooskleurige periode is dat toch wel verbazingwekkend. Bij Spijkenisse zetten we in op de jeugd en in combinatie met een zestal doorgewinterde spelers, jongens met veel ervaring, moeten we het dit seizoen gaan doen. Ik heb daar vertrouwen in, maar ik denk wel dat het lastig gaat worden.’
Opmerkelijk is wel dat je afstapt van het 4-3-3 systeem dat je voorgangers hier altijd gehanteerd hebben.
Marcel: ‘Dat zeggen de mensen van de jeugdafdeling ook. Toen we gezamenlijk overleg hadden met trainers van de jeugdafdeling is dat aan de orde gekomen. De manier waarop het eerste elftal onder jouw leiding voetbalt en ook de Onder 23 staat haaks op wat we in de jeugd doen, zo werd letterlijk gezegd. Ik heb geantwoord dat ik best wel 1-4-3-3 wil spelen, maar dan zouden ze mij twee linksbuitens en twee rechtsbuitens moeten noemen waarmee ik dat kan doen. Die spelers zijn er nu niet. Vroeger zou Spijkenisse zulke spelers aangetrokken hebben, maar nu is ingezet op de jeugd. Het beleid van de club is dat we zoveel mogelijk eigen jongens inpassen en hoe we dat gaan doen en in welk systeem, daar is bij mijn aanstelling niet over gesproken. Over het inpassen van jeugd, daar sta ik trouwens helemaal achter. Om dan toch een mooi seizoen te draaien qua resultaten is een grote uitdaging, maar daar houd ik wel van.’
Tot slot: welk systeem ga je hanteren?
Marco: ‘Dat ga ik hier niet uit de doeken doen, want ik wil onze tegenstanders niet wijzer maken dan dat ze al zijn. Het belangrijkste is dat mijn spelers weten hoe ze de teamtaken en hun individuele taken moeten uitvoeren, als er straks weer om de punten gespeeld gaat worden. Wat die taken zijn, ga ik hier niet uitleggen. Als tegenstanders willen weten hoe wij spelen, dan moeten ze maar komen kijken.’







