Vrouwen als voorzitter van een voetbalvereniging hier in de regio zijn er niet zo veel. We kennen Nikita Plas die sinds 2016 voorzitter is van Goudswaardse Boys, sinds kort hanteert Patricia de Looff de voorzittershamer bij RVV Blijdorp, maar verder zijn er geen dames clubvoorzitter. Afgezien van Antibarbari dan, want daar is de 22-jarige Julia de Wit de achtste vrouwelijke voorzitter in de laatste vijftien jaar. Bij Antibarbari is een dame als voorzitter allang gebruikelijk, in het amateurvoetbal is dat nog niet het geval. Daarom willen we graag praten met Julia. Wat heeft haar bezield om in de ‘mannenwereld’ voorzitter te zijn? Hoe ervaart ze dat ze deze functie bekleedt in een wereld waar meestal mannen dat doen? En wat vindt ze van de uitzonderingspositie die ze dus heeft? Antwoorden op deze vragen willen we graag van haar horen en daarvoor trekt ze graag een uurtje uit in de fraai opgeknapte kantine van de club aan de Kralingse Zoom.
Waarom ben je voorzitter van RSV Antibarbari geworden?
Julia: ‘Ik voetbal vanaf mijn twaalfde. Tijdens het WK van 2010 was ik een grote fan van Wesley Sneijder. Om hem te zien voetballen was erg gaaf en heel leuk om naar te kijken en daarom wilde ik ook graag op voetbal. Ik woonde in Haarlem en werd lid van Alliance’22, een plaatselijke voetbalvereniging met een grote meidenafdeling. Ik heb altijd in meisjesteams gevoetbald. Heel erg goed was ik niet, het eerste dameselftal heb ik niet gehaald, maar ik vond het wel enorm leuk om te doen. Toen ik drie jaar geleden in Rotterdam ging studeren, wilde ik graag blijven voetballen. En dan kom je als student van de Erasmus universiteit automatisch bij Antibarbari uit. Ik heb me meteen als lid aangemeld en in het eerste jaar dat ik lid was, ging ik al meteen in een paar commissies vrijwilligerswerk doen. In de feestcommissie en in de commissie die de Antibarbari Open organiseert, het jaarlijkse toernooi. En ook in de technische commissie van de damesafdeling. Ik hou van organiseren, dat zit wel een beetje in me. Op de middelbare school zat ik al in de leerlingenraad en toen hier vorig jaar een nieuw bestuur moest komen, nadat ik dus al een beetje had ‘warm gedraaid’ in die commissies heb ik gesolliciteerd voor de positie van voorzitter.’
Gesolliciteerd?
Julia: ‘Ja. Antibarbari wordt op dezelfde manier geleid als studentenverenigingen. En omdat Antibarbari een voetbalvereniging is, die alleen maar bestaat uit studenten of ex-studenten moet er daarom hier elk jaar een nieuw bestuur gevormd worden, ook al omdat het verloop in het ledenbestand behoorlijk groot is. Want een Hbo-opleiding of een universitaire studie kan in vier jaar afgerond zijn. Bij een aantal studenten duurt het soms wat langer, maar toch blijven niet veel leden na het afronden van hun studie bij Antibarbari hangen. Dan waaieren ze weer uit. Ze gaan ergens anders werken en dus ook elders voetballen, als ze dat tenminste blijven doen. Als je bestuurslid wil worden bij Antibarbari, dan moet je bij het zittende bestuur solliciteren. Die selectieprocedure is vorig jaar voor het eerst zo gehanteerd en op deze manier zal het voortaan altijd gaan. Kandidaten die een bestuursfunctie ambiëren moeten bij het zittende bestuur uit komen leggen waarom ze dat willen. Bij meerdere kandidaten kiest het bestuur dan de in hun ogen meest geschikte kandidaat. Die wordt dan voorgedragen op de ledenvergadering en de leden kunnen dan instemmen. Of niet. In die ledenvergadering worden de zittende bestuursleden uitgeslagen en het nieuwe bestuur ingeslagen. Zo werd ik in augustus 2020 voorzitter en zal dat tot augustus dit jaar blijven. En dan komt er weer een nieuwe voorzitter. Zo gaat dat hier. Soms gaat een bestuurslid nog wel eens een jaartje door, maar dat is dan een uitzondering. Meestal wordt op de ledenvergadering het volledige oude bestuur uitgeslagen.’
Jij bent bij Antibarbari al de achtste vrouwelijke voorzitter. Niks bijzonders hier dus, een vrouw als voorzitter. Maar dat is het wel in de voetbalwereld. Want daar heb je maar heel weinig dames die voorzitter zijn. Wat vind je daarvan?
Julia: ‘Zoals je zegt, is het bij Antibarbari niks bijzonders. De club is opgericht in 1991 en al vele jaren is er ook een damesafdeling. Die is behoorlijk groot, dit seizoen hebben we zes damesteams. Dat ik inmiddels de achtste vrouwelijke voorzitter ben bij Antibarbari is daar een logisch gevolg van. Hier is een vrouwelijke voorzitter allang gebruikelijk en je verwondert je daar dus niet meer over. Maar in de voetbalwereld zijn er heel weinig vrouwen die voorzitter zijn en zo bekeken is het dus wel uitzonderlijk. Ik heb daar toch wel moeite mee. Waarom ben ik een uitzondering? Waarom zijn er zo weinig vrouwelijke voorzitters? Waarom is het verbazingwekkend als ik me voorstel als voorzitter van een voetbalclub? In de voetbalwereld kunnen op dit vlak nog veel stappen gezet worden. Het is overigens niet alleen in de voetbalwereld dat zo weinig vrouwen een leidende rol vervullen. Er zijn niet alleen weinig vrouwelijke voorzitters, maar ook scheidsrechters, trainers en leiders. Ook in de ‘gewone’ wereld is dat vaak nog zo. Daar zijn vrouwen ook nogal eens het ondergeschoven kindje. Dat moet tegenwoordig toch helemaal geen issue zijn? Van dat stigma moeten we echt af. Je moet niet selecteren op sekse, maar gewoon uitgaan van capaciteiten. Om dat meer acceptabel te maken, daar wil ik best wel voor vechten en dat speelde ook wel mee waarom ik bij Antibarbari gesolliciteerd heb om voorzitter te worden.’
Je bent voorzitter van Antibarbari, als club van voetballende studenten toch wel een buitenbeentje in het regionale voetbal. Omschrijf die club eens in een paar woorden.
Julia: ‘Een club waar de gezelligheid, samen met het samen sporten voorop staat. Een gezellige sfeer, dat is toch wel de cultuur hier. Alle studenten die hier lid zijn hebben een gezamenlijke hobby: voetbal. Dat is een uitstekend bindmiddel en vergroot de onderlinge samenhang, want je doet dan dezelfde dingen en je praat over dezelfde dingen. We hebben ongeveer 550 leden en we kennen elkaar allemaal. Vanaf de allereerste dag dat ik hier was, had ik het meteen enorm naar mijn zin en dat is altijd zo gebleven. En dat geldt voor ieder lid, denk ik.’
Je vertelde zo net dat je slechts één jaar voorzitter blijft en in augustus zal aftreden. Dan word je uitgeslagen, zoals dat bij Antibarbari heet. Waarom plak je er niet nog een jaartje aan vast, want dat kan toch ook?
Julia: ‘Dat kan inderdaad, als je tenminste door de selectieprocedure komt. Maar het staat voor de volle honderd procent vast dat ik in augustus afgeslagen zal worden. Ik begin in het nieuwe schooljaar aan mijn masteropleiding en dan zal ik mijn tijd daarvoor hard nodig hebben. Een masteropleiding is toch net even iets zwaarder en tijdrovender dan de bachelor die ik de afgelopen jaren gedaan heb.’
En als je met die master klaar bent, ga je dan terug naar Haarlem en zien we je hier dan nooit meer?
Julia: ‘Nee hoor, Rotterdam is veel leuker dan Haarlem. Het ligt er natuurlijk net aan waar ik straks ga werken als ik klaar ben met mijn studie, maar als het aan mij ligt, is dat hier in de buurt. Dan kan ik hier blijven wonen en dus ook bij Antibarbari blijven voetballen. En wie weet, misschien word ik dan wel weer lid van een of andere commissie.’






