Na het ontslag van Ole Tobiasen als hoofdtrainer bij Almere City, de huidige nummer 4 van de Keuken Kampioen Divisie, is hij aangesteld als interim-trainer. Maar of hij die functie wel moet gaan bekleden, daar moest hij over nadenken. Daarover en wat hem verder afgelopen week allemaal overkomen is, daar willen wij meer van weten en hoewel Jeroen naar eigen zeggen een erg hectische week achter de rug heeft, trekt hij er toch een klein uurtje voor uit om ons te woord te staan.
Zag je het ontslag van Ole aankomen?
Jeroen: ‘Laat ik voorop stellen dat Ole een goed mens is. Hij heeft heel veel dingen goed gedaan, maar sommige dingen zijn minder goed gegaan. Dat geldt voor ons allemaal, wij zijn allemaal mensen. Zo lang je wint worden de mindere dingen nog gemaskeerd, maar als je niet wint, komen ze wel aan het licht. We draaiden een succesvolle eerste helft van het seizoen, maar na de winterstop zaten we plots in een lastige periode. Van de laatste vijf wedstrijden verloren we er vier. En als de resultaten uitblijven, dan gaat het tegen je werken. Dat gebeurt overal in de voetballerij.’
Op de site van Almere City staat dat na gesprekken met spelers, staf en de clubleiding geconstateerd is dat het draaglak voor verdere samenwerking ontbreekt en dat daarom de samenwerking met Ole per direct is beëindigd. Dan hebben ze dus ook met jou gesproken.
Jeroen: ‘Inderdaad, maar ik wil niet zeggen wat er speelde. Dat gaat niemand wat aan. Ik ga ook niet uitleggen wat er niet goed gegaan is, want vanuit mijn positie is dat erg lastig om te vertellen. Dat doe ik dus ook niet. Feit is dat de leiding van Almere City op basis van alle gesprekken die met iedereen gevoerd zijn besloot om Ole met onmiddellijke ingang te ontslaan.’
En vervolgens komen ze bij jou terecht met de vraag of je het over wil nemen, dat jij de nieuwe trainer wordt van Almere City. Heb je daar lang over na moeten denken?
Jeroen: ‘Ja, want ik vond het heel lastig, vooral omdat ik Ole een prima mens en trainer vind. Eerder zat ik als trainer eens in een vergelijkbare situatie. Dat was bij ASWH, waar ik assistent-trainer was en hoofdtrainer Willem Leushuis ontslagen werd. Ik ben toen solidair geweest en ben opgestapt. Dat kon toen makkelijker dan nu, want ik had destijds nog een baan als consultant en was financieel niet afhankelijk van wat ik bij ASWH verdiende. Assistent-trainer deed ik er toen bij, dat was niet mijn hoofdinkomen. Dat is nu anders. Dat speelt dus ook mee. Bovendien, als de club aan je vraagt om de boel over te nemen, voel je je wel gevleid. Ik had de benodigde trainerspapieren, dan is het ook de makkelijkste uitkomst, dat snap ik ook wel. Maar als ze niet tevreden waren over mijn functioneren, dan waren ze nooit bij mij uitgekomen met de vraag om het van Ole over te nemen. Dat alles zette me hevig aan het twijfelen. Moet ik het doen? Of moet ik solidair zijn met Ole? Met die vragen heb ik wel rondgelopen. Nadat ik merkte dat het vertrouwen in mij ook bij de spelers en bij de staf aanwezig was, heb ik ja gezegd.’
Heb je in die fase ook contact gehad met Ole?
Jeroen: ‘Dat was het aller moeilijkste. Eigenlijk niet, ook al omdat ik wist dat het voor Ole net zo moeilijk zou zijn. Toen ik eenmaal ja gezegd had tegen de club, wenste hij me met een app-je veel succes. Dat vond ik wel mooi van hem. Als het straks allemaal wat rustiger is geworden, zal ik zeker contact met hem opnemen.’
Dan ga jij aan de slag als interim-trainer, als nieuwe hoofdtrainer dus. Wat ga je dan doen?
Jeroen: ‘We zijn nu een weekje verder en zoveel kun je niet doen. Wat ik wel meteen gedaan heb is duidelijkheid verschaffen in de samenwerking met de andere mensen van de staf, met assistent-trainer Tim Bakens en met Serge van den Ban, de keeperstrainer. Je moet het samen met elkaar doen, zo heb ik bij alle clubs gewerkt waar ik trainer was. Wij zijn samen uitvoerders van een plan om de spelers zo goed mogelijk voor te bereiden op wedstrijden, om ze beter te maken. Wie geeft feedback als dingen op het veld niet goed gaan, hoe wordt er ingegrepen? Dat geldt trouwens niet alleen voor de staf. Ook de spelers moeten elkaar daarin helpen. En plezier in wat we aan het doen zijn moet er ook zijn. Plezier is heel erg belangrijk.’
Maar plezier is toch totaal afhankelijk van prestaties?
Jeroen: ‘Dat is zo. Maar andersom is dat ook het geval, zo is mijn stellige overtuiging. Plezier kan ook zorgen voor prestaties.’
Hoe wil je dat tot stand brengen?
Jeroen; ‘Door als trainer hard te zijn in je beslissingen en in al je besluiten duidelijk te zijn en daarnaast altijd zacht in de relaties te zijn. Dan moet je dus als trainer oprecht interesse tonen in je spelers. Dan moet je weten hoe ze in elkaar steken, hoe ze zijn, wat ze thuis meemaken. Zo kweek je een band. Maar de prestaties staan voorop en als je als speler niet meegaat in dat proces, dan grijp ik in.’
En dan win je je eerste wedstrijd met 4-1 van Excelsior.
Jeroen: ‘Dat we die wedstrijd wonnen, was heel erg belangrijk. Het is nog maar het eerste begin natuurlijk, maar het geeft de burger wel moed. Vanavond staat de uitwedstrijd tegen Eindhoven op de rol. Dan moeten we dus weer aan de bak.’
De club heeft gemeld dat je tot het einde van het seizoen hoofdtrainer bent. En daarna?
Jeroen: ‘Daar hebben we het nog niet over gehad. Of ik ook komend seizoen nog trainer ben van Almere City, dat weet geen mens. Wat we verder in de competitie presteren heeft daar natuurlijk ook invloed op. Daarom ga ik er samen met mijn staf en mijn spelers alles aan doen om zoveel mogelijk wedstrijden te winnen.’
Is je salaris al aangepast aan je nieuwe functie?
Jeroen breed lachend: ‘Haha, daar zijn we nog over in gesprek.’









Heeft het allemaal geleerd bij onze club!