Niels Versteege (SV Poortugaal): ‘Op het veld gaat bij mij een knop om’

0

Voorafgaande aan het gesprek dat we met hem hebben, hebben we zijn trainer Peter Klomp gebeld. Wat hij vindt van Niels Versteege, wat diens waarde is voor het elftal van hoofdklasser SV Poortugaal.

Peter is duidelijk: ‘Ervaring en energie, dat zijn de kwaliteiten van Niels. Daarom stel ik  hem op. Bovendien kan Niels heel irritant zijn naar een tegenstander en ook dat is een kwaliteit. Hij heeft een ongelooflijke wil om te winnen en weet dat goed te vertalen in het veld. Hij verstaat de kunst die tegenstander uit zijn spel te halen. Op de trainingen doet hij dat trouwens ook. Niels loopt al een paar jaartjes mee en jonge spelers kunnen wat dit betreft veel van hem opsteken.’ Die woorden leggen we natuurlijk voor aan Niels, een uurtje voordat hij aan zijn training begint.

Peter Klomp zei dat je heel irritant kan zijn in het veld. Dat je de kunst verstaat tegenstanders uit hun spel te halen. Je trainer noemde het woord ‘zuiger’ niet, maar die conclusie trek ik wel. Ben jij een zuiger?

Niels: ‘Ik kan inderdaad wel eens vervelend zijn voor een tegenstander. Omdat ik weet wanneer je vervelend moet zijn. Een overtredinkje maken, het spel even doodleggen, dat soort dingen. Alle dingen waarmee je een tegenstander uit zijn spel kan halen gebruik ik. Ja, dat kan best irritant overkomen en tijdens wedstrijden ben ik dat inderdaad wel eens.’

Ben jij buiten het veld ook zo?

Niels: ‘Helemaal niet. Ik ben een heel rustige jongen, maar zodra er gevoetbald wordt, gaat bij mij de knop om. Tijdens het omkleden in de kleedkamer houd ik van een dolletje en een lolletje. Lekker muziekje erbij, geintjes maken met mijn medespelers. Maar zodra de wedstrijdbespreking achter de rug is, ga ik me focussen op de wedstrijd. Dan sluit ik me af en denk nog maar aan één ding: zo optimaal mogelijk aan die wedstrijd beginnen en alles uit de kast halen. Dan is er nog maar één ding belangrijk: die drie punten die te halen zijn. Er staat een bord in de kleedkamer met dingen van de tegenstander. Hoe zij spelen, waar hun kwaliteiten liggen en wat hun minder sterke punten zijn; dat soort zaken. Dan concentreer ik me op wat er over mijn directe tegenstander staat. Ik wil winnen. Altijd. Ik kan absoluut niet tegen mijn verlies. Toen ik in de jeugd voetbalde was dat al het geval. Niet alleen bij het voetballen trouwens, zo ben ik bij elk spel dat ik doe.’

Jij bent nu bezig aan je tiende seizoen bij Poortugaal. Heb je bij die club ook in de jeugd gevoetbald?
Niels: ‘Nee. Ik ben begonnen bij Fortuna Vlaardingen en toen die club opgeheven werd ben ik naar VFC gegaan, ook in Vlaardingen. Daar werd ik gescout door Excelsior Rotterdam. Daar heb ik een paar seizoenen gevoetbald, maar ik was uiteindelijk niet goed genoeg om daar verder te komen. Ik ben naar Barendrecht gegaan. Eerst in de A1 en later kwam ik daar bij de selectie. Jack van en Berg was toen trainer. Het eerste jaar speelde ik in het tweede elftal. Het jaar daarop sloot ik aan bij het eerste, dat toen in de hoofdklasse speelde. Dat was een topjaar, we promoveerden naar de topklasse. Ik was geen basisspeler en moest het hebben van invalbeurten. Ik kijk er met veel plezier op terug en ik heb daar heel veel geleerd.’

Wat dan?
Niels: ‘Als je drie keer in de week met hele goede voetballers traint, word je vanzelf beter. Die jongens kenden het klappen van de zweep al en ik was toen een jong, frivool voetballertje. Alles stond bij mij in het teken van acties maken. Bij Barendrecht leerde ik dat het bij het voetballen niet alleen om die acties ging. Acties moet je alleen maar maken als het nut heeft. Je moet de juiste momenten leren kiezen.’

Het juiste moment kiezen. Ik denk dat je dat nu wel kunt na al die jaren bij Poortugaal.

Niels: ‘Inderdaad. Wanneer kan het wel, wanneer absoluut niet. Ik ben er de hele wedstrijd mee bezig. Niet alleen met acties maken trouwens. Alles is belangrijk. Wanneer leg je een balletje terug. Wanneer haal je even het ritme er uit? Wanneer is een overtreding nodig? Wanneer kies je de ruimte? Wanneer doe je een stap terug? Als je lang voetbalt, leer je dat soort dingen steeds beter. Je krijg veel ervaring in dat soort zaken en die ervaring probeer ik over te brengen aan de jonge gasten in onze ploeg, want daar hebben we er best veel van. Met mijn 31 jaar ben ik een van de ouderen.’

Tien jaar Poortugaal. Dat is een hele  lange tijd.

Niels: ‘Ik ben van origine dus geen Poortugaler, maar omdat ik er al zo lang voetbal ben ik wel een clubjongen geworden. Hier voetballen is leuk. Ik heb het prima naar mijn zin hier. Vorig seizoen speelde ik niet zo heel vaak, zeker de eerste seizoenshelft niet. De trainer zag meer een nummer 10 in me, wilde me als middenvelder gebruiken. Toen was het allemaal wel minder, omdat ik graag wil voetballen en mijn ding voorin wil doen. Maar nu, in de hoofdklasse, sta ik vanaf de voorbereiding weer in de basis. Als voorhoedespeler en nu is het natuurlijk weer veel leuker. Dat doet me goed. Nu kan ik weer belangrijk zijn voor het elftal, proberen goals te maken, assists te geven. Wat het scoren betreft, in al die jaren hier heb ik meer dan 140 doelpunten gemaakt en zit ik op meer dan 100 assists. Alleen Dave van Driel heeft bij Poortugaal meer doelpunten gemaakt. Die zit op 151 goals volgens mij. Maar Dave is nu assistent-trainer en zal er dus geen meer maken. Ik wel hoop ik. Ik zal er dan ook alles aan doen om Dave te passeren.

Jullie doen het als debutant in de hoofdklasse tot nu toe verrassend goed.

Niels: ‘Dat vind ik ook. Van te voren had ik echt niet gedacht dat we zo’n start zouden maken. Het zou heel zwaar worden, zo dacht ik, vooral omdat Qro Rosino naar Barendrecht is vertrokken en Sean Verburg terg naar Smitshoek is gegaan. We hebben een paar nieuwe jongen in de ploeg en er is iets moois aan het groeien hier. Het mooie is ook dat we niet inzakken of zo. We gaan altijd de strijd aan, willen voetballen. Vorig seizoen speelde ik niet alles, zeker de eerste seizoenshelft niet, maar het was wel heel mooi om te zien wat er in het veld gebeurde. Er stond toen een fantastisch elftal. De tweede seizoenshelft speelde ik wel vaak en nu speel ik weer alles. Dan is het nog veel mooier. Ik zal er alles aan doen dat dit zo blijft.’

En als je naar de bank verwezen wordt?
Niels: ‘Zo wil ik niet eindigen als voetballer en ik zal er alles aan doen om het zover niet te laten komen. Ik wil niet in de vergetelheid raken. Als het bij Poortugaal onverhoopt zo moet lopen, dan zoek ik mijn heil anders. Daar heb ik het al over gehad met Sven Weeda en Rudy Spekman, de andere oudere jongens van het elftal. Wij weten dat de club wil verjongen, maar ik vind dat ik nog best een paar jaartjes meekan. Het is dan aan mij om dat te laten zien, toch?’

Laat een antwoord achter