Kees Breen (trainer Flakkee) : ‘We nemen de tijd om hier iets moois op te bouwen.’

0

Toen Ron van Neck in november vorig jaar opstapte als trainer van Flakkee werd Kees Breen de nieuwe trainer van de vierdeklasser uit Middelharnis. Het is zijn eerste klus als hoofdtrainer. Kees was tot dan toe altijd jeugdtrainer geweest, eerst bij Melissant, waar hij van zijn 16e tot zijn 39e in het eerste elftal had gespeeld en later bij Flakkee, waar hij onder meer de Onder 19 onder zijn hoede had.

Hoe het is om op eigen benen te staan, waar hij met zijn team naar toe wil en hoe hij dat denkt te gaan doen; daarover willen wij alles weten. Op zondagochtend, als hij klaar is met zijn training aan de jeugd van voetbalschool Jan Schellevis, neemt hij bij een kop koffie uitgebreid de tijd om op onze vragen in te gaan.

Laten we eerst beginnen met hetgeen we zojuist gezien hebben. Jij trainde een groepje jonge kinderen. Hoe zit dat? Is dat jeugd van Flakkee?

Kees: ‘Nee. Dat zijn kinderen, afkomstig van heel het eiland. Sommigen zijn hier lid, maar er zijn er ook veel die elders lid zijn van een voetbalclub. Ze zijn allemaal aangemeld bij Train Het Verschil, de voetbalschool van Jan Schellevis. Op zondagochtend komen ze hier op de velden van Flakkee trainen en straks, als het weer slechter wordt, doen we dat in een sporthal. Jan zocht een trainer die hem kwam helpen en kwam jaren geleden bij mij uit. Ik doe dit al heel lang en heb dit seizoen de allerkleinsten onder mijn hoede. Leuk, heel leuk is dat.’

Je bent na het vertrek van Ron van Neck nu een klein jaartje hoofdtrainer van Flakkee. Waarom kwam de club bij jou uit?

Kees: ‘Ik deed hier de Onder 19 en was trainer van het tweede elftal en had een heel goede band met Ron. Die is opgestapt omdat hij de bemoeienissen van een paar mensen met de opstelling zat was, dat heeft uitgebreid in de kranten gestaan en ook bij jullie op de site. Daar hoef ik dus niet verder op in te gaan. Toen Ron de handdoek in de ring gooide, moest de club een nieuwe trainer hebben. Ik had de papieren, dus het was min of meer logisch dat ze bij mij uitkwamen. Ik zat met mijn vrouw aan de koffie bij mijn schoonmoeder toen Rien Elvé belde, de man die samen met Leen van der Velde de technische zaken doet bij Flakkee. Of ik wilde komen praten. Meteen. Hij zou me op komen halen. Dat heb ik toen maar gedaan. In het gesprek dat volgde heb ik aangegeven dat ik een hele goede band had met Ron en dat ik hem niet wilde laten zakken. Maar ook de club wilde ik niet laten zakken, want ik had het prima naar mijn zin bij Flakkee. Ik vroeg een paar dagen bedenktijd en heb natuurlijk meteen contact opgenomen met Ron. Die zei dat ik het moest doen. ‘Jij bent een Flakkeeman, jij hoort bij die club’, zei hij. Daarna vertelde ik de club dat ik het ging doen, maar dat ik bepaal hoe we spelen en met welke spelers we dat gaan doen. Want dat wilde ik wel duidelijk hebben.’

Zo begon je dus midden in het seizoen. Niet het meest prettige moment om met een nieuwe klus te beginnen.

Kees: ‘Inderdaad, maar het vorige seizoen was feitelijk toch al verknald. De opdracht die ik van Flakkee meekreeg was om de gezelligheid terug te laten keren en er een geheel van te maken, twee dingen waar Ron van Neck al heel veel mee bezig was geweest en waarin hij al grote vorderingen had gemaakt. In samenspraak met de voetbaltechnische commissie heb ik bepaald dat we gingen bouwen aan de toekomst. Er zaten veel jonge jongens in de selectie en die had ik in de jeugd allemaal al getraind. Ik kende die jongens dus al en weet dat daar veel potentie in zit. Aan het einde van vorig seizoen is wel een berg ervaring weggegaan en daar was ik niet heel erg blij mee. Zo ging Youri Kievit terug naar NTVV, Frank den Hengst terug naar DVV’09, Jarno Osseweijer stapte over naar OFB, keeper Robert Vinke vond de reistijd tussen zijn woonplaats Den Haag en Middelharnis toch wel een probleem worden en is daarom afgehaakt en Jasper Westhoeve en Sjoerd Robijn zijn in het derde gaan voetballen. Heel veel ervaring viel dus weg. Bovendien stopte mijn zoon Dennis, keeper in het tweede elftal in eerste  instantie ook en kwam ik dus met een keepersprobleem te zitten. Gelukkig hebben ze Dennis een paar weken geleden weten over te halen weer te gaan keepen. ‘Ik kan die jongens niet in de steek laten’, had hij gezegd. Gelukkig maar, want nu keept hij in het eerste. En Marina van Dongen, onze verzorgster stopte er aan het einde van vorig seizoen ook mee na een akkefietje met het bestuur. Dat vind ik verschrikkelijk, nu nog steeds, want zo’n goede verzorgster had ik nog nooit meegemaakt.’

Dat was lekker, al die routine weg. Op deze manier moet je de nieuwe competitie met een piepjonge groep beginnen.

Kees: ‘Daar is niks mis mee. Die jongens willen allemaal heel erg graag. We staan elke week bij de trainingen met meer dan 30 jongens op het veld. De wil om er iets van te maken is groot bij al die gasten. Samen met Richard de Moedt, de trainer van het tweede, met keeperstrainer Gert Jan Mellaard en met elftalleider Rien Elvé gaan we proberen er iets moois van te maken. Ik krijg van de club de tijd om aan het elftal te bouwen en daar zijn we keihard mee bezig. Resultaten zijn daarbij van ondergeschikt belang. De spelers kunnen vrijuit voetballen, ze moeten niets. Ik zeg tegen hen altijd dat ze hun schooltas thuis moeten laten en op de club alleen maar met voetbal bezig moeten zijn. Verder moet er helemaal niets. Ja, alleen voor plezier zorgen bij de toeschouwers.’

Maar dan verlies je de eerste competitiewedstrijd thuis van OFB. Dat zorgde voor opgetrokken wenkbrauwen bij diezelfde toeschouwers, vermoed ik.

Kees: ‘Van OFB kun je niet winnen en ook niet verliezen, vind ik. Als je van hen wint, zegt iedereen dat het niet meer dan normaal is, gezien de resultaten van die ploeg in de voorbije jaren. En als je verliest, doe je het natuurlijk ook niet goed. We verloren, ja. Kan gebeuren. In de voorbereiding en in de beker hebben we wel hoopgevende resultaten geboekt. We verloren weliswaar met 7-1 van WHS, maar we hebben twee keer gewonnen van SNS en gelijkgespeeld tegen derdeklasser Dilettant en daar houd ik me maar aan vast. Die nederlaag tegen OFB was niet best natuurlijk, maar harde woorden zijn er niet gevallen. Niet onderling en ook niet vanuit het bestuur. Die nederlaag had geen negatieve invloed op de sfeer in de groep. Afgelopen zaterdag werd de uitwedstrijd tegen FIOS op het allerlaatste moment afgelast vanwege de weersomstandigheden, op een tijdstip dat we hier op het punt stonden om te vertrekken. We zijn toen gaan trainen en hebben daarna met zijn allen naar het derde staan kijken. Het was heel gezellig en iedereen is lang gebleven. Ik zou ’s avonds met mijn vrouw ergens een hapje gaan eten en was maar net op tijd daarvoor. Zo’n dag als zaterdag tekent de sfeer hier en ik vind echt dat we op de goede weg zijn. We zijn aan de weg aan het timmeren en er zal hier iets moois opbloeien, daar ben ik van overtuigd. Maar het heeft wel tijd nodig en die tijd krijg ik van het bestuur. Ze hebben al gezegd dat ik maar bij moet tekenen, haha. Mooi toch?’

Laat een antwoord achter