Ferry Seton (BZC/Zuiderpark): ‘Onze uitstraling naar buiten toe moet beter’

1

Ferry Seton keerde dit seizoen terug als trainer van BZC/Zuiderpark, de club waar hij jaren geleden zijn carrière als oefenmeester startte. Met frisse moed begon hij aan zijn klus, maar het liep allemaal heel anders dan waarop hij gehoopt had. Zijn eerste competitiewedstrijd terug op het oude nest verloor hij met 3-2 van Vlotbrug na met 2-0 voorgestaan te hebben. In die wedstrijd trok de scheidsrechter drie rode kaarten voor spelers van zijn ploeg en was het buiten de lijnen na afloop flink onrustig. De tweede wedstrijd ging niet door vanwege het overlijden van clubicoon Cock van der Weck en de week daarop verloor zijn ploeg van HBSS. Vervolgens liep een van zijn spelers een coronabesmetting op, waardoor zijn elftal 10 dagen in quarantaine moest en de ontmoeting tegen Rhoon uitgesteld werd. En toen er weer gevoetbald mocht worden, vlak voordat er opnieuw een coronapauze ingelast werd, werd er nogmaals verloren. Uit bij Vierpolders ditmaal. Er zijn prettiger starts van een seizoen denkbaar.

Als we hem bellen en hem zeggen dat we graag met hem willen praten over die bepaald niet vlekkeloze competitiestart doet hij niet moeilijk: ’ Kom maar langs, dan hebben we het er wel over’. Ferry Seton is kennelijk niet zo moeilijk. Voorafgaande aan het gesprek dat we met hem hebben, had hij tegen zijn vriendin gezegd dat hij open kaart zou spelen en dat doet hij ook.

Laten we bij het begin beginnen: je bent al eens eerder trainer geweest bij BZC/Zuiderpark, waarom ben je teruggekeerd bij die club?

Ferry: ‘BZC/Zuiderpark was mijn eerste club als trainer. Hoewel ik in het begin flink moest wennen aan het niveau heb ik er een hele leuke tijd gehad. Heb er vrienden voor het leven aan over gehouden en met Ger Vink trof ik de meest fantastische voorzitter die er bestaat  Na drie seizoenen verliet ik de club en heb ik als trainer overal rondgezworven. Maar ik heb al die jaren een warme binding gehouden met de club en met de jongens. Als ik ze tegenkwam hadden we het altijd over BZC/Zuiderpark. Toen Frans van Helden vorig seizoen aangaf niet meer als trainer bij de club te willen functioneren, maar als clubmanager, zei iedereen van de club die ik tegen het lijf liep, dat ik als trainer terug moest keren. Toen ze vervolgens van het bestuur belden, waren we er binnen de kortste keren uit. Ik zou als trainer terugkeren. En dat voelde meteen als thuiskomen. Heel mooi allemaal, omdat BZC/Zuiderpark een ontzettend fijne club is, waar helemaal geen druk op zit. Zo moeten we niet perse naar de tweede klasse; de gezelligheid staat voorop.’

Had je ook een vinger in de pap bij de samenstelling van de selectie?

Ferry: ‘Ik heb me er wel mee bemoeid, ja. Ik had de ploeg een paar keer zien spelen en dan laat je je gedachten er wel op los. Staan de linies goed ten opzichte van elkaar? Staan alle spelers wel op de juiste positie?  Er werd veel gescoord, maar ze kregen ook veel doelpunten tegen en daar moet je ook maatregelen in nemen. Er stond een goede groep spelers, maar toch ontbrak er iets. Verdedigers vooral. Er zijn een paar jongens bij gekomen en nu hebben we een groep van 24 spelers voor het eerste elftal. Ja, dat zijn er veel, maar die hebben we allemaal hard nodig als er straks schorsingen en blessures zijn. En wellicht stappen er een paar op als ze straks vinden dat ze te weinig spelen. Maar voorlopig is er nog niemand weg. Sterker nog, binnenkort sluiten er nog drie jongens aan. Samen met mijn assistenten Ruud Boessen en Alex Krouweel moet ik er iets moois van zien te maken. Ik weet nu al dat er meer potentie in zit dan dat er tot nu toe gepresteerd is.’

In de competitie verloor je je eerste twee wedstrijden. Vooral de nederlaag tegen FC Vlotbrug deed veel stof opwaaien: drie rode kaarten, veel commotie op en rond het veld. Hoe heb jij die wedstrijd beleefd?

Ferry: ‘Tot een kwartier voor rust was er niet veel aan de hand. Het was een leuke wedstrijd, geen schoppartij of zo. Verre van dat zelfs. We leidden met 2-0 en toen kreeg een speler van ons rood. Dat was terecht, want hij kwam er onbesuisd in, met twee benen vooruit. We hebben de rust met 2-0 gehaald en toen onderling besproken wat we de tweede helft zouden gaan doen met 10 man. Zouden we op zoek gaan naar de 3-0? Of zouden we afwachten en de boel achterin gesloten zien te houden? Onze plannen werden doorkruist door FC Vlotbrug. Die maakten er een echte wedstrijd van, leverden veel strijd, kwamen terug tot 2-2 en maakten 5 minuten voor tijd de 2-3. Toen raakten sommige van mijn spelers gefrustreerd. Ze maakten overtredingen, scholden de scheidsrechter uit en meer van dat soort dingen. Niet fraai natuurlijk, maar in de emoties gebeurt zoiets. Nog twee keer trok de scheidsrechter een rode kaart en na afloop, toen iedereen van het veld afliep wilden de toeschouwers die vlakbij de kantine stonden verhaal halen bij de scheidsrechter en de jongens van Vlotbrug.’

Wat doe jij dan als trainer?

Ferry: ‘Die gasten die langs de kant stonden daar heb ik geen invloed op. Dat waren hersenlozen en een groot deel was niet eens lid van BZC/Zuiderpark. Dan sta je machteloos. Ik voel me niet geroepen daar tussen te springen. Het is best wel zorgwekkend. Wat je daaraan kunt doen? In ieder geval in het vervolg de boel afscheiden met linten of met hekken, zodat iedereen van het veld naar de kleedkamers kan lopen zonder onderweg lastig gevallen te worden.’

Dit is niet de eerste keer dat zoiets bij BZC/Zuiderpark gebeurt. Ik ken ploegen die het  liefst niet bij jullie voetballen. Die met angst en beven naar jullie afreizen.

Ferry: ‘Ik weet dat wij naar de buitenwacht geen goede naam hebben. Dat ligt aan ons. Er zijn hier in het verleden dingen gebeurd die niet door de beugel kunnen. Die gasten rond het veld die vervelend doen, daar moet tegen opgetreden worden, maar nogmaals daar heb ik als trainer geen invloed op. Die invloed heb ik wel op mijn spelers. Als die over de schreef gaan, horen ze dat van mij. BZC/Zuiderpark wil een nieuwe koers varen. Het bestuur en ik willen van die slechte naam af. Onze uitstraling naar buiten toe moet beter. Daar ligt de focus op en daar gaan we hard aan werken. Maar dat is niet binnen een jaar geregeld, daar moet je meerdere jaren voor uit trekken. Ik heb me daarin graag geconformeerd en heb me voor langere tijd aan de club gebonden. Ik heb geen handtekening gezet onder een contract of zo, maar we zijn mondeling overeengekomen dat ik voor meerdere jaren aan de club verbonden blijf en al die tijd er voor uit wil trekken dat we naar buiten toe een betere naam gaan krijgen.’

Dus niets staat een lang verblijf als trainer van BZC/Zuiderpark in de weg?
Ferry: ‘Dat wil ik ook weer niet zeggen. Want werken op dit niveau betekent dat ik altijd moet blijven schipperen. Begrijp me goed, ik heb het prima naar mijn zin bij BZC/Zuiderpark, ik kan met iedereen goed overweg en we hebben een leuke spelersgroep waar nog veel rek in zit, maar het is en blijft derde klasse. Het blijft altijd weer behelpen.  Wat dat betreft kan je beter bij een BVO werken als trainer. Dan kun je eisen stellen en hard zijn. Hier moet je iedereen binnenboord zien te houden. Laat ik een voorbeeld geven. Als je op een BVO zegt dat iedereen om 12.00 uur aanwezig moet zijn, is het overgrote deel al om half 12 present. En 10 minuten voor 12 is iedereen er. Als ik hier zeg dat we om 1 uur moeten verzamelen, dan moet ik blij zijn dat iedereen er is om kwart over 1. Tegen Vlotbrug waren 4 spelers te laat. Die speelden niet, maar het zou best kunnen dat later in het seizoen, als je niet zo veel spelers tot je beschikking hebt, jongens die te laat komen dan wel moeten spelen. Toen ik hier 10 jaar geleden als beginnend trainer aan de slag ging, zei mijn vader dat ik helemaal onder aan de ladder begon. Hij had me zien spelen in de jeugd bij Feyenoord en later bij Zwart Wit’28 waar ik elk jaar topscorer werd. En nu ben ik trainer van een derdeklasser. Vroeger gingen wij met dertig opdrachten het veld in, nu moet ik tevreden zijn als mijn spelers er drie onthouden. Dit is een ander niveau en dat blijf omschakelen, elke dag weer. Als ik dat niet wil, dan moet ik stoppen. Maar ik kan niet zonder voetbal. Hoe wrang de start van dit seizoen ook is, ik ben geen wegloper. Daarvoor is BZC/Zuiderpark te veel mijn club geworden. Maar als een BVO zich meldt, dan weet ik wel wat ik doe.’

1 reactie
  1. Gerard Vrooman zegt

    Suc6 Ferry

Laat een antwoord achter