Column Jan Schoonen (444): Sven Groenenboom (Rockanje)

0

Zwartewaal koesterde vooraf weinig hoop. Tot nu toe had de ploeg van trainer Ron Klein één schamel puntje behaald in dertien competitiewedstrijden en een stunt tegen nummer 3 Rockanje zou er niet inzitten, zo wist iedereen mij voor de wedstrijd te vertellen. Kennelijk dachten de spelers van Rockanje dat ook, want ze begonnen slap en ongeïnspireerd aan de wedstrijd. Alsof de drie punten vanzelf hun kant op zouden rollen. Alleen doelman René van der Meiden was bij de les. Binnen een paar minuten had hij met puike reddingen zowel Laurens Woudenberg als Joël Kroon van een treffer afgehouden. Harry Rusken, de trainer van de Rockanjenaren zag het aan met donderwolken boven zijn hoofd, maar even later kon hij al iets vrolijker kijken.

Want de eerste de beste aanval van de bezoekers was meteen prijs. Youri ’t Mannetje begon aan een solo dwars over het veld, passeerde een mannetje of drie en precies op het juiste moment speelde hij de bal diep op de op dat moment wegsprintende Sven Groenenboom. Alleen voor doelman Pascal Quak rondde Sven koelbloedig af. Het was een doelpunt uit het boekje en pas op dat moment lieten de Rockanjenaren eindelijk zien hoe de verhoudingen werkelijk lagen.

Niet veel later scoorde Sven nogmaals. Dave Leurs stuurde met een lange bal Delano Diemers de diepte in. Diens voorzet kwam uit bij Sven Groenenboom die er 0-2 van maakte. Frappant was dat. Sven was eigenlijk nauwelijks opgevallen, hij was nog niet vaak aan de bal geweest, werd door zijn medespelers niet of nauwelijks in de combinaties betrokken, maar na een kwartier had hij er al twee in liggen.

Het zou nog gekker worden.

Halverwege de tweede helft maakte Sven zijn derde goal en ook tot op dat moment had hij na rust niet veel bijzonders laten zien. Je kunt je afvragen of dat belangrijk is? Als je drie doelpunten maakt, is de rest bijzaak, toch? Dat zal allemaal best, maar toch denk ik dat Sven het zaterdag tegen Zwartewaal iets te makkelijk op nam. Naast die drie doelpunten hielp hij zeker drie levensgrote kansen om zeep en van iemand die drie doelpunten maakt mag je eisen dat hij er vier maakt, of vijf. Zes zelfs. Dat had gekund. Gemoeten eigenlijk.

Waarom ik zo kritisch ben op Sven? Dat heeft alles te maken met de ene actie die hij vlak voor tijd maakte. Toen droop eindelijk de klasse ervan af. Halverwege de helft van Zwartewaal werd hij op rechts aangespeeld en met de bal aan de voet stoof hij af op Glenn Versluis. Als die Zwartewaalspeler achteloos gepasseerd wordt, maakt hij een overtreding maar omdat Sven niet valt, geeft scheidsrechter Coen Visker voordeel. De volgende tegenstander die Sven tegenkwam, was Rowan van Heijst. Ook die greep bepaald niet zachtzinnig in, maar Sven passeerde hem met een heerlijke sleepbeweging. Toen rechtte hij de rug, behield het overzicht en schoof de bal in de voeten van de meegelopen Vince Keller die wel heel makkelijk de 0-4 kon maken. Het was een grandioze actie, eentje waarbij je je vingers aflikte.

Sven maakte drie doelpunten en was op die manier van enorm grote waarde voor zijn ploeg. Dat weet ik ook wel. Maar als je in staat bent om zoiets moois te laten zien als die passeeractie langs twee robuuste, stevig ingrijpende tegenstanders, mag hij in de wedstrijd nadrukkelijker aanwezig zijn. Ik weet wel dat ik veeleisend ben en drie doelpunten scoren is ook heel mooi, maar ik weet 100 procent zeker dat Sven voetballend meer in zijn mars heeft dan wat hij tegen Zwartewaal liet zien.

Laat een antwoord achter