Marco Jalink, nieuwe trainer FC Binnenmaas: ‘Zes weken de tijd om de spelers te leren kennen’

0

Afgelopen seizoen was hij trainer van XerxesDZB dat ’s zaterdags in de hoofdklasse actief was. Daarvoor trainde hij drie jaar lang de zondagploeg van diezelfde club en daar naast had hij nog een paar andere trainerklusjes. Zo maakte hij een jaar geleden als interim-coach het seizoen af bij eersteklasser Nieuwenhoorn nadat Stef Buijs daar ontslagen was en afgelopen seizoen nam hij de zondagploeg van XerxesDZB weer bij de hand in de nacompetitie nadat Brasco Tuvaljevic vertrokken was. Bij XerxesDZB kreeg hij in januari te horen dat zijn aflopende contract niet verlengd zou worden. Marco Jalink, die eerder al trainer was van OVV en van FC Dordrecht Onder 19, heeft niet lang moeten wachten op een nieuwe club. Komend seizoen wordt hij trainer van FC Binnenmaas, dat vorig seizoen naar de tweede klasse promoveerde.

Toch wel een verrassende keuze, want een trainer die de hoofdklasse inruilt voor een tweedeklasser, dat zie je niet zo vaak. We willen van hem weten waarom hij tot deze keus gekomen is en Marco wil daar graag op ingaan.

‘Het begon met een telefoontje van Fop Gouman’, vertelt Marco. ‘Ik kende Fop van een studiereis van de VVON, die we in oktober 2018 samen maakten met onder meer Peter Wubben van Spijkenisse en Henk Wisman, die komend seizoen aan de slag gaat bij Rijnsburgse Boys. Die reis ging naar Sheffield Wednesday waar Jos Luhukay toen nog trainer was en Remy Reynierse diens assistent. Ik heb tijdens die reis heel veel met Fop gesproken. Dat ging over onze voetbalvisies, over onze manier van werken en al snel bleek dat we op dezelfde lijn zaten. Fop was trainer van FC Binnenmaas en over die club was hij heel enthousiast. Nadat op 21 januari op de site van VoetbalRotterdam het  bericht geplaatst was dat ik bij XerxesDZB zou vertrekken, hing een kwartier later Fop aan de telefoon. Hij zou zelf aan het einde van het seizoen vertrekken bij FC Binnenmaas en aan de slag gaan bij VVGZ en hij vroeg of ik interesse had om hem op te volgen.’

‘Ik kende die club alleen maar van zijn verhalen, van hetgeen hij mij verteld had op die VVON-studiereis. Fop had verteld dat je als trainer goed kunt werken bij die vereniging. De spelersgroep bestond uit leergierige, gretige jongens en de accommodatie en de faciliteiten zijn er prima in orde. Verder was het een onbeschreven blad voor me. Ik kende de club niet, had ze nooit zien spelen. Ze stonden op dat moment 8 punten los in de derde klasse en de kans was groot dat ze naar de tweede klasse zouden promoveren. Dat zag er dus allemaal goed uit. Fop maakte mij enthousiast. ‘Als de club mij wil spreken, laat ze maar bellen; dan kom ik op gesprek’, zei ik tegen hem.

‘Fop heeft mijn naam inderdaad laten vallen op de club, want diezelfde week namen ze al contact met me op. Het gesprek dat volgde was goed. Voorzitter Arjon van der Giesen en Gerard Leggedoor, de technische man vertelden hoe de club in elkaar steekt, er werd mij gevraagd over mijn voetbalvisie, over mijn manier van werken, over mijn manier van coaching. Ze kenden mij niet als trainer, maar dat zou het probleem niet gaan worden, bleek al snel. Het was een aangenaam gesprek. Ik kreeg een rondleiding over het complex, dat in mijn ogen lijkt op dat van Achilles Veen. Als trainer kun je op een grasveld trainen, maar ook een kunstgrasveld is daar beschikbaar voor. Het zag er allemaal goed uit en dat eerste gesprek gaf voor mij eigenlijk al de doorslag. Het ging allemaal heel snel, want op diezelfde avond hoorde ik dat er een week later nog een tweede ontmoeting zou volgen, waarbij ook de staf aanwezig zou zijn. Als die ook positief waren zou ik de nieuwe trainer van FC Binnenmaas zijn. Dat zag ik helemaal zitten. Ik kon weliswaar ook bij een andere club aan de slag, maar ik koos voor FC Binnenmaas, omdat het ook met de staf klikte. Martin Remmers wordt mijn assistent en dat is een man van de club. Dat is prettig, die kan mij dus heel veel vertellen over de spelers en zo.’

‘Hoe de ploeg het in de tweede klasse gaat doen, daar hebben we het ook over gehad. Ik zie de competitie met vertrouwen tegemoet, het is alleen jammer dat ploegen als Hellevoetsluis en Nieuwenhoorn geen tegenstanders van ons zijn omdat ze  in Zuid ingedeeld zijn. Dat zouden leuke wedstrijden geweest zijn. Het bestuur legt er overigens niet al te veel druk op. Zij zouden graag zien dat we ons handhaven, dat we stabiel zijn.  Hoe sterk we zijn, dat weet ik nog niet. Ik heb de ploeg vorig seizoen één keer zien spelen, vriendschappelijk tegen Hardinxveld. Toen zag ik wel dat er voetbal in zit. Daar gaan we op voort borduren.’

‘De ploeg is goed in balans qua leeftijd. Er is weinig verloop, er zijn niet zo veel voetballers vertrokken, er zijn er een paar bijgekomen, dus met de automatismen zit het ook wel snor. Maar ik weet niet hoe we het volgend seizoen gaan doen, hoe sterk we zijn. Ik kan wel roepen dat ik voor een periodetitel ga, maar als het niet lukt, word je daar later in het seizoen mee om je oren geslagen. Daarover ga ik dus niks zeggen. We gaan het zien. Eerst maar eens een goed beeld krijgen van de spelers. Daar is de voorbereiding voor. We beginnen op 8 augustus met de eerste training en we hebben vervolgens 6 weken de tijd om de kwaliteiten van de spelers te leren kennen. Totdat de competitie begint trainen we drie keer in de week: op maandag, dinsdag en donderdag. We oefenen onder meer tegen SHO, tegen Voorschoten en door de week tegen RBC. Die trainingen en die oefenwedstrijden zijn er voor om er achter te komen wat de sterke en zwakke punten van elke voetballer zijn. Wat kunnen ze wel, wat kunnen ze niet. Op trainingen zal ik dus veel partijvormen en positiespelletjes doen.’

Laat een antwoord achter