Klaas Groenendijk (ledenraad KNVB): ‘Clubs laten hun mening te weinig horen’

1

Enkele maanden geleden lieten we op deze plaats achtereenvolgens Janus van Peenen, Teun van den Berg en Rob Jacobs aan het woord. Zij mochten vertellen wat ze over de besluiten van de KNVB vonden. Op zijn zachtst gezegd waren ze not amused over zaken als het afschaffen van beslissingswedstrijden, de huidige afwerking van de nacompetitie en het meedoen van jongploegen van profclubs in de top van het amateurvoetbal. Maar de clubs laten ook te veel over hun kant gaan, vonden ze. Ze zouden veel vaker aan de bel moeten trekken.

Vandaag leggen we ons oor te luisteren bij Klaas Groenendijk, de vertegenwoordiger van deze regio in de ledenraad van het amateurvoetbal van de KNVB. Hoe denkt hij over deze problematiek? Welke informatie krijgt hij van de clubs? En wat doet hij vervolgens met die informatie? Het zijn vragen die we hem voorleggen en waarop hij graag antwoord geeft.

Voordat we dieper op de onderwerpen in willen gaan, eerst iets over Klaas Groenendijk zelf. Wie is hij? In het voetbal heeft hij al diverse functies bekleed. Hij was nog geen 30 jaar oud of hij was al penningmeester van de legendarische amateurclub Zwart Wit’28. ‘Dat heb ik drie jaar gedaan, overigens ver voor de tijd van het faillissement’, zegt hij er maar even bij. Van 1999 tot 2004 was hij voorzitter van Barendrecht en nu is hij bij dezelfde club voorzitter van de spelersstichting. Tevens is hij al anderhalf jaar lid van de ledenraad amateurvoetbal van de KNVB en in die hoedanigheid voelen we hem aan de tand.

Waarom ben je lid van de ledenraad van het amateurvoetbal geworden?

Klaas: ‘Na bij Barendrecht 5 jaar voorzitter te zijn geweest vond ik het wel genoeg. Ik had niet de behoefte een soort Mr. Barendrecht te worden en ik zocht naar een andere rol binnen de vereniging. Die heb ik gevonden als voorzitter van de spelersstichting. Maar ik wilde wel betrokken blijven bij het beleid dat de bond uitstippelt. Als voorzitter was ik vaak op KNVB-vergaderingen geweest en ik had altijd een mening over van alles en nog wat. Om een vinger aan de pols te houden, om hoog over het zicht op het beleid te houden, werd ik ook afgevaardigde van deze regio in Zeist. Dat heb ik 6 jaar gedaan, van 2004 tot 2010. Ik was 1 van de 10 afgevaardigden van West II. Later was ik in de oude organisatorische structuur van de KNVB ook nog lid van de verenigingsraad. Toen had je bij de voetbalbond een bestuur en daarnaast in totaal 60 afgevaardigden uit alle regio’s, die allemaal vrijwilligers waren, maar samen wel uitmaakten wat het bestuur al dan niet mocht doen. Zij hebben bijvoorbeeld besloten dat jongelftallen van profclubs in de top van het amateurvoetbal werden ingepast, waar ik het trouwens, samen met andere vertegenwoordigers uit West II, niet eens was en tegen dat voorstel stemde. Maar de meerderheid besliste anders. De overtuigingskracht van het toenmalige amateurbestuur en de druk van het betaald voetbal waren kennelijk te groot om het tegen te houden. Het is achteraf bezien niet zo’n goede beslissing geweest, lijkt me, maar het is wel een besluit geweest dat op democratische gronden genomen is door de toenmalige 60 raadsleden, die toen bijna allemaal erg enthousiast waren. Maar ook democratische besluiten kunnen fout uitpakken. Die jongelftallen in de top van het amateurvoetbal bloeden nu een beetje dood, over een paar jaar zullen die niet meer mee doen, vermoed ik, zeker niet als de Onder 21-elftallen verplicht ingevoerd gaan worden. Nu is de organisatiestructuur van de KNVB overigens totaal anders.’

Leg uit.

Klaas: ‘De 60 verenigingsraadsleden hadden contact met de clubs. Bovendien vond er toen nog regelmatig een voorzittersoverleg plaats, maar eerlijk gezegd werden die vergaderingen toen al niet door heel erg veel clubs bezocht. Er waren veel vergaderingen, er was veel overleg, maar toch was de communicatie tussen de KNVB en de clubs stroperig. Daarom is de structuur van de KNVB veranderd, maar ook om het betaald voetbal en de amateurs dichter bij elkaar te brengen. Er is nu een directie, waarvan Jan Dirk van der Zee de directeur is. Verder zijn er verenigingsadviseurs die de contacten met de clubs onderhouden en er zijn KNVB-ambassadeurs, mensen die de KNVB vertegenwoordigen bij jubilea en kampioenschappen. De verenigingsadviseur in deze regio is Leon Braat en de ambassadeurs zijn Rob van de Water, Gerard van der Meijden en Ed Goverde. Die zijn allemaal op de hoogte van wat er leeft. En dan is er ook nog een ledenraad amateurvoetbal, bestaande uit 30 mensen uit alle regio’s en waarvan ik sinds 2018 er eentje van ben. Ledenraadsleden worden verkozen door de clubs, maar in mijn geval is er geen verkiezing geweest. Ik was namelijk de enige kandidaat. De ledenraad moet het beleid van de KNVB toetsen bij de clubs. Doet de KNVB de goede dingen? Doet de KNVB het op de juiste manier? Wij moeten er achter komen hoe de clubs over deze vragen denken en we moeten er achter komen wat de clubs willen. De ledenraad benoemt daarnaast ook de leden van de Raad van Toezicht, die, zoals de naam al zegt, een toezichthoudende functie op het bestuur van de amateurtak van de KNVB heeft en feitelijk als een soort Raad van Commissarissen fungeert.’

Wat is jouw rol in dat geheel?

Klaas: ‘Ik vertegenwoordig de clubs uit Albrandswaard, uit Barendrecht en Ridderkerk, de Hoeksche Waard, Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee en de Linker Maasoever van Rotterdam. Wellicht weet niet elke club in deze regio dat ik hun vertegenwoordiger ben, maar zij zijn destijds wel per mail op de hoogte gebracht dat ik het geworden ben. Lid van de ledenraad ben je voor 3 jaar en het doel is dat je er voor zorgt dat de stem van de clubs gehoord wordt. Het beleid van de KNVB moeten wij toetsen bij de clubs. De informatie die ik heb opgedaan bij de clubs breng ik vervolgens in bij het overleg dat de ledenraad heeft met het bestuur en met de verenigingsadviseurs. Bij plannen die gemaakt worden is de ledenraad sparringpartner voor de directie en heeft op die manier dus invloed op de uiteindelijke operationele besluiten.’

Hoe is het besluit van de KNVB om beslissingswedstrijden af te schaffen of de nacompetitie anders in te delen bij de clubs in jouw regio gevallen?

Klaas: ‘Daarover hoor je de clubs eigenlijk niet.’

Hoe komt dat?

Klaas:  Ja, dat kun je je inderdaad wel afvragen Waarom hoor je ze niet?. Het is en blijft een probleem om clubs bij vergaderingen aanwezig te laten zijn. Is het omdat bestuurders van voetbalclubs geen tijd hebben om zich ook met KNVB-besluiten bezig te houden? Is daarom het opkomstpercentage van belegde bijeenkomsten zo laag? Komt het omdat bestuurders niet meer zolang als vroeger op hun post blijven en daardoor minder ingevoerd zijn in de materie? Is het voor clubs vaak een soort ver-van-mijn-bed-show en komen ze alleen in actie als het henzelf betreft? Clubs laten hun mening ook te weinig horen, vind ik, je hoort ze vaak alleen als het henzelf betreft. Clubs hoorde je bijvoorbeeld wel toen de KNVB besloten had de vierde klasse in het zondagvoetbal van West II te beëindigen. Toen kwamen ze wel massaal opdagen op de bijeenkomst onlangs in Delft, belegd door de Belangenorganisatie Amateurvoetbal. Daar lieten ze hun stem wel horen en dat alles heeft er toe geleid dat het besluit in elk geval een jaar uitgesteld is. Aan de KNVB de taak om voor kerst met een nieuw plan te komen en als lid van de ledenraad moet ik daar ook mijn steentje aan bijdragen. Ik moet er achter komen hoe de clubs over het zondagvoetbal denken. En ik moet er ook achter komen wat ze denken over het afschaffen van beslissingswedstrijden en over de huidige opzet van de nacompetitie. Dat wordt binnenkort geëvalueerd en komt op de agenda van de ledenraad in november 2019. Zowel de KNVB als de leden van de ledenraad moeten dan natuurlijk wel weten hoe de clubs erover denken. Hoe dat wordt aangepakt weet ik nog niet. De KNVB zal hierin het voortouw moeten nemen. Door middel van themabijeenkomsten bijvoorbeeld, door middel van vergaderingen in kleine settings of op een andere wijze.’

Daar kun jij zelf toch ook een invulling in aangeven?

Klaas: ‘Ja, natuurlijk. Ik kan clubs bezoeken en dat zal ik vast ook gaan doen. Maar het is voor mij onmogelijk om alle clubs in mijn regio te bezoeken. De clubs kunnen het trouwens ook zelf laten weten. Ze kunnen altijd contact met me opnemen, want ik wil graag weten hoe ze in deze materie staan. Als clubs kenbaar maken weer beslissingswedstrijden in te willen voeren, of de nacompetitie weer met uit- en thuiswedstrijden te willen organiseren, dan zal de KNVB daar naar moeten luisteren. Dat is democratie. En dat geldt voor alle beleidszaken. Als je je stem niet laat horen, bloedt democratie dood. Daarom moeten clubs altijd blijven aangeven hoe ze over besluiten denken en het is aan de KNVB om daar achter te komen. Wellicht kunnen we door hun inbreng zaken aan het rollen krijgen. Clubs mogen me altijd bellen of schrijven. Mijn telefoonnummer is 06-53244696, mijn e-mailadres is klaas.groenendijk@binnenmaasgroep.nl

Je bent trouwens een van de weinige leden van de ledenraad waarvan op de site van de KNVB het telefoonnummer vermeld is.

Klaas: ‘Wat mij betreft hoort dat ook zo. Ik zal eens navragen waarom dat niet bij elk lid van de ledenraad het geval is.’

[adrotate group="6"]
1 reactie
  1. Cor van der Horst zegt

    Of dat daar naar geluisterd zal worden, zal niet voor niets zijn dat ze niets laten horen.

Laat een antwoord achter