Column Jan Schoonen: De Parcmow (Vierpolders)

1

Bij Feyenoord hebben ze Erwin Beltman die het gras verzorgt en al vijf keer jaar achtereen door de aanvoerders van de eredivisieploegen als beste groundmaster van Nederland is aangemerkt en onlangs ook verkozen is als fieldmanager of the year. Bij Goudswaardse Boys hebben ze Joop van der Hoek die met zijn maaimachine de grassprieten op de gewenste lengte houdt en waar ik nog niet zo lang geleden een column aan heb gewijd. Bij andere voetbalclubs met heus gras zijn er ook mensen die het maaiwerk doen. Overal is dat zo, behalve bij Vierpolders. Daar hebben ze niemand nodig voor die klus, want bij deze vereniging doen robotmaaiers het werk.

Vroeger werden de grasmatten bij Vierpolders door een tuinbedrijf gemaaid. Soms kwamen ze dat wel drie keer in de week doen. Bij regenachtig weer liet de twee ton zware maaimachine waarmee de klus gedaan werd
vaak diepe sporen achter op de drassige grasmat. Tevreden waren ze bij Vierpolders niet altijd over het maaiwerk waarvoor ze dik moesten betalen. Dat moet anders kunnen, zo dachten ze op de club. Het was penningmeester Martien van der Valk die op het lumineuze idee kwam om eens bij collega-voetbalclub Sliedrecht te gaan kijken, want daar hadden ze robotmaaiers die het gras maaien, zo had hij vernomen.
Met drie man trok een Vierpoldersdelegatie naar Sliedrecht . Ze waren meteen om en terug in Vierpolders werd er werk van gemaakt. Uit eigen middelen werden bij de Belgische leverancier Belrobotics voor bijna 30.000 euro twee robotmaaiers aangeschaft, die nu voor het tweede achtereenvolgende seizoen het gras op het sportpark aan de Coosenhoekstraat op de juiste hoogte gehouden hebben.

De Parcmow maait het hoofdveld. ’s Nachts staat hij aan de laadpaal, maar vanaf 10 uur ’s ochtends komt hij volautomatisch in actie. Hij is geprogrammeerd om zijn werk te doen. In het begin, toen hij net aangeschaft was, liep dat niet zo soepeltjes en moest er soms een monteur met een laptop andere instellingen komen programmeren, maar nu loopt alles op rolletjes. Rondom het veld zijn op een diepte van 5 centimeter lijnen ingegraven, die de grenzen aangeven tot waar de Parcmow mag maaien. Hij heeft sensoren en kan zelf zijn weg vinden. Met die sensoren herkent hij ook de plekken waar het gras te lang is en daar rijdt hij dan naar toe. Met zijn drie maaikoppen, elk voorzien van 3 mesjes, maait hij het gras op de ingestelde hoogte van 2 centimeter. Hij vermaalt daarbij het gras bijna tot poeder dat blijft liggen op het veld en is op die manier organisch materiaal waar het gras gezond van blijft.

De Parcmow heeft bij Vierpolders ook een grotere broer: de Bigmow. Die heeft 5 maaikoppen, neemt veld 2 voor zijn rekening , alsmede het trainingsveld en de groenstrook tussen de velden. Die robot maait alle 7 dagen in de week 24 uur lang. Alleen tijdens wedstrijden en op trainingsavonden staat hij stil. Als de accu leeg raakt, rijdt hij zelf terug naar de laadpaal en na een uurtje kan hij dan weer verder. Het enige mensenwerk dat er bij de Parcmow en de Bigmow aan te pas komt, is het schoon blazen van het aangekoekte gras binnenin de robots. En om de twee, drie maanden moeten de mesjes vervangen worden. Het zijn clubvrijwilligers André Krowinkel en Theo van Diesen die dit doen.

Bij Vierpolders zijn ze enorm in hun sas met hun robots. ‘Binnen een jaar of drie hebben we de investering er uit en gaan we er aan verdienen, want de robots gaan minstens vijf jaar mee’, legt André uit. ‘Maar het is niet alleen de kostenbesparing, ook voor het behoud van het gras is dit een veel betere oplossing’, vindt hij. ‘Alleen als je heel goed kijkt, zie je lichte sporen waar hij gereden heeft en dat was vroeger met die zware maaimachine wel anders.’

Het resultaat mag er zijn. Ik ken in de wijde omgeving geen grasveld dat er fraaier uit ziet dan die mat bij Vierpolders. Alleen de grasmat van Goudswaardse Boys misschien, maar daar zijn drie, vier man de hele week mee in de weer. Bij Vierpolders doet de robots dat werk. Naar volle tevredenheid dus. En volgens André wordt het nog beter. ‘Ze zijn bezig de dingen op GPS te laten rijden en dan kan je ook patronen in het gras aanbrengen’, weet hij. Als het zover is moeten ze er bij Vierpolders maar aan denken om dan als eerste patroon de portretten van André en Theo op het gras te laten maaien.

De komende weken vanwege vakantie geen column. Over een paar weken, als het balletje weer rolt, wordt de draad weer opgepakt. Iedereen een fijne vakantie toegewenst.

 

1 reactie
  1. Robin Noordermeer zegt

    En die kuilen die Martin Kwekel met zijn slidings veroorzaakt? Maait hij daar omheen?

Laat een antwoord achter