Column Jan Schoonen: Nourdin Boukhari (GLZ Delfshaven)

3

Op 30 juni wordt hij 38 jaar. De kilootjes zijn er de laatste jaren wel aangekomen met als resultaat een heus zwembandje rond zijn middel en toch staat Nourdin Boukhari als speler van GLZ Delfshaven elke zondagmiddag op het voetbalveld. Met de nadruk op ‘staat’. Nourdin loopt namelijk geen meter te veel. Ik zou er heel wat voor over hebben als ik om twee uur een stappenteller bij hem aan zijn been mocht bevestigen om die dan na afloop van de wedstrijd af te lezen. Ik vermoed dat er nog geen 1000 meter op zal staan. Zondag in de finale van de nacompetitie, uit bij CVV Zwervers, bewoog hij ook weer nauwelijks. Maar aan het einde van de rit had hij alweer twee keer gescoord.

Nourdin Boukhari is dodelijk effectief en op de amateurvelden loopt er geen voetballer rond die leper is. Het derde doelpunt van GLZ Delfshaven was daar het schoolvoorbeeld van. Nabij de zijlijn was hij in een duel met twee tegenstanders, die hem op de huid zaten. Ze slaagden er niet in om Nourdin de bal te ontfutselen, want door de extra kilootjes is dat nog moeilijker geworden. Nourdin kan prima een balletje afschermen, gooit er net zo makkelijk zijn brede lichaam tussen en als hij teveel weerstand voelt, gaat hij liggen. Scheidsrechter Rampersad trapte er zondag niet altijd in, maar toen, 10 minuten voor tijd, wel. Zijn directe tegenstander, de sportieve Nathanael Werleman kon er wel om lachen. Nourdin nam de vrije trap zelf. Meteen. De bal lag niet eens stil. De verdedigers van CVV Zwervers stonden nog uit hun positie of het leer was op de rand van de zestien al in de voeten beland van Raymillo Delba, die alleen met een nieuwe overtreding gestuit kon worden. Boukhari was na het nemen van de vrije trap een meter of twintig naar voor gewandeld, richting strafschopgebied. Geheel vrijstaand, breeduit zwaaiend met zijn armen gebaarde hij dat de vrije trap weer snel genomen moest worden. Dat gebeurde. Burak Ozturk schoof de bal in zijn voeten en met zo’n buitenkans weet de spits wel raad. Doelman Rik de Vries was dan ook kansloos: 0-3, wedstrijd beslist.

Nourdin Boukhari is een fenomeen en hem te zien voetballen is een lust voor het oog. Hij is de verpersoonlijking van effectiviteit, hij is de doeltreffendheid in het kwadraat. Hij doet heel weinig, maar is iedere keer weer beslissend. Ik weet niet of hij er nog een jaartje aan vast plakt, maar ik acht hem er toe in staat, zeker nu zijn ploeg door de uiteindelijke 3-1 overwinning naar de eerste klasse is gepromoveerd. Want ook op dat niveau kan hij zijn spelletje blijven spelen. Niemand van zijn ploeggenoten neemt het hem kwalijk dat hij niet veel in beweging is. Sterker nog, ze spelen allemaal in zijn dienst, want ook een half kansje is bij Nourdin geheid een doelpunt. En dan hangen ze allemaal om zijn nek. Als ik ploegmaat van hem zou zijn, zou ik voor hem ook het snot voor mijn ogen lopen.

Ik heb hem dit seizoen een keer of vijf zien spelen en zo te zien, heeft hij er altijd zin in. Alleen na de laatste competitiewedstrijd, die bij TOGB met 3-1 verloren ging, waardoor zijn ploeg geen kampioen werd doch nacompetitiewedstrijden moest gaan spelen, toen stond zijn gezicht op onweer. Meteen na het eindsignaal beende hij het veld af. Als aanvoerder had hij de moed op moeten brengen zijn tegenstanders te feliciteren en het arbitrale trio te bedanken, maar dat deed hij toen niet. Ik kan het wel begrijpen, maar toch…

Nadat hij Nathanael Werleman omhelst had, ging hij zondagmiddag als laatste het veld af. Stralend en met een big smile. Die zelfde smile was er ook op de gezichten van zijn vrienden langs de lijn, die allemaal waren gekomen om ‘Boukha’ te zien spelen. Ze vertelden dat hij bij GLZ Delfshaven nooit traint. ‘Als je Champions League gespeeld hebt, waarom zou je dan bij een tweedeklasser gaan trainen?’ zei er eentje. Ze wisten te vertellen dat Nourdin liefhebber is en goed kan ballen, net als zijn broers Samir, Murat, Anouar en Ayoub. Dat hij 7 dagen per week met voetballen bezig is. Dat hij spitsentrainer is bij Sparta Onder 19 en bij Jong Sparta. En dat hij ook in de zaal voetbalt. ‘Dan is dat zeker een heel klein zaaltje, zodat hij niet veel hoeft te lopen,’ zei ik. Ze konden er smakelijk om lachen.

3 REACTIES