Scheidsrechter zijn is leuk (40): Martin de Witte

0

Omdat in verslagen van voetbalwedstrijden de scheidsrechter vaker negatief genoemd wordt dan positief, heeft VoetbalRotterdam.nl gemeend een rubriek te moeten maken waarin een scheidsrechter of een assistent scheidsrechter zichzelf aan u voorstelt en een blik verschaft achter de man of vrouw in het scheidsrechter pak.

Hiermee proberen wij de afstand tussen arbitrage en spelers wat te verkleinen en meer begrip te kweken voor als er eens een (onvermijdelijk) foutje wordt gemaakt.

Vandaag heeft Arie van den Bulk de 24-jarige Martin de Witte uit Rotterdam gevraagd een elftal vragen te beantwoorden:

  1. Hoelang ben je al als scheidsrechter actief?

Ik ben inmiddels met mijn achtste seizoen als scheidsrechter bezig, waarvan zeven seizoenen als bondsscheidsrechter. Ik heb in het seizoen 2010-2011 de toenmalige ‘BOS-cursus’ gedaan, tegenwoordig beter bekend als SOIII Veldvoetbal. Vervolgens heb ik twee jaar in de jeugd gefloten en ik ben nu met mijn vijfde seizoen bij de senioren bezig.

  1. Wat is je leukste herinnering als scheidsrechter en waarom?

Dat zijn er meerdere, maar ik denk dat er twee wedstrijden voor mij uitspringen. Dat zijn de nacompetitiefinale tussen FC Lisse (2) en FC ’s-Gravenzande (2) voor een plaats in de reserve Hoofdklasse in het seizoen 2014-2015 en de derby FC Binnenmaas – NSVV in de tweede klasse in het seizoen 2016-2017. In de nacompetitiefinale tussen FC Lisse en FC ’s-Gravenzande werd er gedurende de hele wedstrijd fel doch sportief gespeeld en werd in ‘the dying seconds of the game’ het winnende doelpunt gemaakt door FC Lisse. Een heerlijke wedstrijd om leiding aan gegeven te mogen hebben. Datzelfde gold voor de wedstrijd in het afgelopen seizoen tussen FC Binnenmaas en NSVV. Twee elftallen die elkaar door en door kenden, fel doch sportief speelden, veel publiek aan de kant, resulterend in een zeer spannende wedstrijd, ook voor mij als scheidsrechter.

  1. Waarom ben je destijds begonnen met het scheidsrechteren?

Ik heb jaren op hoog niveau in de jeugd gevoetbald, waarbij we drie tot vier keer per week trainden. Op een gegeven moment was dit voor mij niet meer te combineren met mijn lessen op de middelbare school en heb ik moeten kiezen tussen ‘school’ (mijn uiteindelijke keuze) en ‘voetbal’. De club waar ik toentertijd voetbalde, zocht scheidsrechters voor de jeugd en dat ben ik toen gaan doen. Vooral omdat ik het spelletje niet compleet naast me neer kon leggen. Zo ben ik in het ‘arbitragewereldje’ terecht gekomen.

  1. Wat zou je als scheidsrechter nog graag willen bereiken?

Ik wil graag het beste uit mezelf halen. Als je dan naar de voetbalpiramide in Nederland kijkt, zou dat de eredivisie zijn. Vraag is natuurlijk of dat nog gaat lukken, haha! Mocht dat uiteindelijk niet lukken, wil ik de top in het amateurvoetbal proberen te bereiken.

  1. Wat is volgens jou een goede scheidsrechter en aan welke eisen moet een goede scheidsrechter voldoen?

Een goede scheidsrechter heeft mijns inziens een goede spelregelkennis, een goed conditioneel vermogen, ‘social skills’ en kan goed met weerstand omgaan. Alle ingrediënten die, volgens mij, het ‘managen’ van een wedstrijd mogelijk maken.

  1. Wat is voor jou de meest aansprekende scheidsrechter in het Nederlandse betaalde voetbal en waarom?

Persoonlijk ben ik fan van Bas Nijhuis. Zijn conditioneel vermogen en de manier waarop hij zijn wedstrijden leidt, spreken me erg aan: door kunnen laten spelen waar kan, soms misschien wel over het randje, maar altijd trachtend ‘de wedstrijd een wedstrijd te laten zijn’. Wat me ook altijd positief opvalt tijdens zijn wedstrijden, is dat hij op amper een aantal meter van ‘wedstrijdbepalende situaties’ is.

  1. Welke wedstrijd heb je als laatste geleid en wat vind je van je eigen prestatie in die wedstrijd?

Dat was de wedstrijd Soccer Boys – van Nispen, in de derde klasse A. Een wedstrijd tussen de koploper en de nummer 5 in de competitie, waarbij gezegd dient te worden dat van Nispen het winnen van de tweede periode nog geheel in eigen hand heeft. Het zou een wedstrijd worden tussen twee goed voetballende elftallen, welke Soccer Boys uiteindelijk als winnaar naar zich toe trok.

Ik durf te zeggen dat ik met een goed gevoel op deze wedstrijd mag terugkijken. Beide ploegen speelden met een aanvallende intentie en probeerden er een echte wedstrijd van te maken. Ik heb het, als scheidsrechter, in deze wedstrijd niet echt lastig gehad; de momenten waar ik moest zijn en mijns inziens wedstrijdbepalend waren, was ik kort bij en kon ik voor mezelf goed beoordelen. De spelers accepteerden aldoor mijn leiding. Het enige smetje op de wedstrijd was een moment van frustratie bij een van de spelers, die zijn tegenstander zodanig natrapte dat een veldverwijdering onvermijdelijk was. Dat ik vervolgens met complimenten van beide elftallen het veld kon verlaten, gaf mij een bevestiging van het goede gevoel dat ik na afloop van de wedstrijd zelf ook had.

  1. Wanneer heb jij na afloop van een wedstrijd een tevreden gevoel?

Als ik de wedstrijd met mijn leiding ook echt ‘een wedstrijd heb kunnen laten zijn’, en met mijn conditioneel vermogen en spelregelkennis voor mezelf overtuigend beslissingen heb kunnen nemen. Perfecte wedstrijden bestaan niet, maar je mag er wel altijd naar streven.

  1. Zijn er spelregels of andere richtlijnen die jij graag veranderd zou zien en zo ja waarom?

Nee, niet zozeer. Ik vind dat de huidige regels het voetbal maken zoals het is/hoort te zijn. Het afschaffen van de buitenspelregel ben ik bijvoorbeeld juist een tegenstander van. Waar mijns inziens wel geëxperimenteerd mee zou mogen worden, of misschien zelfs wel ingevoerd zou mogen worden, is de ‘intrap’ in plaats van de ‘inworp’. Ik denk dat die verandering wel ten gunste van het spel zou kunnen komen.

  1. Wat vind jij van de kwaliteit van de Nederlandse arbitrage in het algemeen?

Goed; zeker ook kijkend naar het feit dat we internationaal geen ‘klein land’ zijn. Ik denk dat we met het huidige scheidsrechterskorps en met het aankomend talent, nationaal en internationaal heel goed vertegenwoordigd zijn.

11. Welke wedstrijd zou jij heel graag willen leiden?

De wedstrijd waar iedere scheidsrechter van droomt, is natuurlijk de klassieker in de Eredivisie, een wedstrijd waar ik me echter zomaar van kan voorstellen dat dat ‘m voor mij niet meer gaat worden. Dan lijkt het me enorm leuk om een ‘echte’ derby in de top van het amateurvoetbal te mogen fluiten: wedstrijden tussen Katwijk en Quick Boys, Spakenburg en IJsselmeervogels, bijvoorbeeld.